Rekening voor UT-sportverenigingen valt fors hoger uit

| Jelle Posthuma

De UT-sportverenigingen gaan in 2019 flink meer uit eigen zak betalen voor hun accommodatie, materiaal en instructiekosten. Oorzaak: het aantal sportende studenten groeit harder dan de subsidiepot.

Photo by: Arjan Reef

Hefty bill for UT sports clubs

In 2019, the UT sports clubs will pay more for their accommodation, materials and instruction costs. The number of sporting students is growing faster than the funding.

Sportverenigingen op de UT betalen een heffing over de subsidie die zij ontvangen voor instructie, materiaal en accommodatiekosten. Deze zogenaamde IMA-heffing lag jarenlang op een symbolisch percentage van één procent. Naar verwachting stijgt deze heffing van 1,4 procent in 2018 naar ruim negen procent dit jaar. De Sportkoepel adviseerde de verenigingen per mail al om rekening te houden met deze verhoging in hun begroting.

Verenigingskas

De stijging geldt voor alle UT-sportverenigingen. Lukas Cino, penningmeester van v.v. Drienerlo, verwacht komend jaar nog geen problemen. ‘We kunnen de kosten voorlopig opvangen vanuit onze reserves. Maar de komende jaren zullen onze leden meer contributie moeten betalen. Ik denk dat het op jaarbasis om een stijging van twintig euro in de contributie gaat.’

Ter illustratie: de kosten voor de accommodatie van v.v. Drienerlo bedragen ongeveer één ton per jaar. Daar betaalde de vereniging in 2018 nog 1,4 procent IMA-heffing over, wat neerkomt op zo’n 1500 euro per jaar uit de verenigingskas. ‘Deze heffing is in beginsel een goede zaak’, vertelt Cino. ‘Sportverenigingen voelen op deze manier wat de kosten zijn en gaan geen gekke dingen doen. Maar als dit percentage richting de tien procent gaat, dan zijn de kosten voor de vereniging fors hoger.’

Subsidiemodel

Meer studenten en hogere kosten zijn de redenen voor de verhoging van de IMA-heffing, vertelt Engbert Miedema, vicevoorzitter van de Sportkoepel. ‘In 2016 is het subsidiemodel uitgebreid herzien. Daar hebben de verenigingen mee ingestemd. Deze herziening was nodig omdat we een begrotingstekort aan zagen komen. De symbolische één procent was met het groeiende aantal studenten niet langer houdbaar. In overleg met de sportverenigingen is toen besloten om de heffing stapsgewijs te verhogen, zodat we ook in de toekomst kunnen voorzien in breedtesport op de UT. Er zijn trouwens ook een paar verenigingen die erop vooruitgaan: zij ontvangen in het nieuwe model meer subsidie.’

Het aantal studenten aan de UT groeit en de uitdijende groep is niet minder gaan sporten, weet Sietse van Mossel, portefeuillehouder sport en cultuur van de Student Union. ‘We zijn blij met de stijging van het aantal sporters, maar de druk op de voorzieningen is daardoor wel toegenomen. Ook stegen de salariskosten van de trainers en betalen we meer voor de externe accommodaties, zoals de ijsbaan en de manege. Om de kwaliteit te waarborgen, moeten verenigingen extra bijdragen in het nieuwe model. Overigens zou de IMA-heffing vorig jaar al naar vier tot vijf procent gaan, maar we hadden nog een potje dat kon worden ingezet om de tekorten op te vangen.’

Huurkosten

Ook de huurprijzen van de sportvelden op de campus gingen omhoog. De kosten voor het nieuwe kunstgrasvoetbalveld bedragen 90 euro per uur, terwijl het oude veld 60 euro per uur kostte. ‘Deze huurkosten gelden alleen voor extra toernooien of evenementen’, legt Van Mossel uit. ‘De reguliere trainingsavonden en wedstrijddagen zijn afgekocht voor de verenigingen. Door de nieuwe velden wordt er meer kwaliteit geboden. Vandaar de prijsverhoging.’

Naar verwachting wordt het IMA-percentage voor dit jaar in april of mei definitief vastgesteld.