Rechtbank: UT-opleiding psychologie mag in het Engels

| HOP, Bas Belleman , Rik Visschedijk

De UT en de universiteit Maastricht mogen de studie psychologie in het Engels blijven aanbieden. De universiteiten wonnen het kort geding, dat de Vereniging Beter Onderwijs Nederland (BON) had aangespannen. BON wil het oprukkende Engels een halt toeroepen.

Photo by: Rikkert Harink

Het betoog van Beter Onderwijs Nederland was ‘weliswaar gepassioneerd’, schrijft de rechter in haar vonnis, maar moest het toch afleggen tegen de juridische argumenten van de twee universiteiten.

De vereniging BON richtte haar pijlen op de opleidingen psychologie van de Universiteit Twente en Maastricht University. Die zouden zonder noodzaak zijn overgestapt op het Engels als voertaal.

Collegevoorzitter: ‘Geen verrassing’

De UT heeft haar keuzes richting een Engelstalige universiteit altijd zorgvuldig en binnen de wet gemaakt, zegt collegevoorzitter Victor van der Chijs in reactie op de uitspraak van de rechter. ‘De uitspraak is geen verrassing. Het is dus niet zo dat de vlag uitgaat. We hebben altijd gezegd: zorgvuldigheid voorop. De rechtbank onderstreept dat nu.’

Toch is de kous niet helemaal af. De Onderwijsinspectie buigt zich ook nog over de verengelsing, en dat onderzoek loopt nog. ‘Maar hiervoor geldt wat ons betreft hetzelfde’, aldus de collegevoorzitter. ‘We maken ons geen zorgen, omdat we zorgvuldig en binnen de wet handelen.’

Maar de twee universiteiten brachten allerlei argumenten in stelling die BON niet goed kon weerleggen. Ze liggen in grensregio’s en menen dat een hoogwaardige internationale leeromgeving de kwaliteit van het onderwijs ten goede komt. Bovendien is de wetenschappelijke literatuur toch al in het Engels.

Hoog niveau

Daar bracht BON weinig tegenin, vindt de rechter, afgezien van algemene bezwaren tegen verengelsing waar de rechter geen standpunt over kan innemen. Zo stelt BON dat Engelstalig onderwijs de uitdrukkingsvaardigheid van studenten in het Nederlands belemmert. Het zou veel lastiger zijn om een hoog academisch niveau te bereiken.

Het zou best kunnen dat universiteiten zonder noodzaak overgaan tot het aanbieden van Engelstalige opleidingen, overweegt de rechter, maar daar buigt de Onderwijsinspectie zich over en dat onderzoek loopt nog. De voorzieningenrechter vindt het ‘niet opportuun’ om hierop vooruit te lopen en een vérstrekkende uitspraak te doen, zoals het verbieden van verengelsing.

De minister van Onderwijs moet op verengelsing toezien en kan zo nodig nadere wet- of regelgeving vaststellen ‘die recht doet aan alle actuele omstandigheden en betrokken belangen’, voegt de rechter eraan toe.

Advocaten

Interessant is dat BON ontvankelijk is verklaard. Met name de advocaten van de Universiteit Twente deden hun best om met allerlei juridische manoeuvres deze ontvankelijkheid te bestrijden. Waarom had BON bijvoorbeeld niet eerst even geprobeerd in overleg te gaan met de universiteit? Zo hoort het toch eigenlijk?

Niet alleen vraagt BON al jaren aandacht voor deze zaak en kon de universiteit best op de hoogte zijn van alle bezwaren tegen verengelsing, ook is het volgens de rechter ‘evident’ dat BON geen steek verder zou zijn gekomen in overleg met de Universiteit Twente.