Nieuw P-NUT-bestuur: ‘Meer belangen van PhD’s behartigen’

| Rik Visschedijk

Het promovendinetwerk P-NUT koos donderdagavond een nieuw bestuur. Jan Hofste (ITC) is de nieuwe voorzitter. Het bestuur bestaat verder uit Özlem Demirel (TNW) en Vlad Tkachuk (TNW). ‘We willen nog meer als belangenbehartiger optreden.’

Photo by: Gijs van Ouwerkerk
Het nieuwe bestuur van P-NUT, met v.l.n.r Jan Hofste, Vlad Tkachuk en Özlem Demirel.

Gefeliciteerd! Waarom wil je voorzitter zijn van P-NUT?

‘Het afgelopen jaar was ik al penningmeester, dus ik weet wat er speelt en wat het voorzitterschap inhoudt. En ik denk dat het een mooie uitdaging is om voorzitter te zijn van een groep van vijftien actieve bestuursleden.’

Wat wil je het komende jaar bereiken?

‘P-NUT heeft twee takken. We organiseren bijeenkomsten om onze leden te informeren en om met elkaar op te trekken. Daarnaast zijn we de belangenbehartiger van promovendi op de UT. Die rol hebben we vorig jaar wat meer opgepakt, en dat willen we verder uitbouwen. Promoveren is soms zwaar, bijvoorbeeld als het contact niet goed is met je begeleider of als je vastloopt in het onderzoek. Die geluiden willen wij kenbaar maken bij de Twente Graduate School of het college van bestuur.’

‘Ook binnen onze groep willen we dit soort problemen meer bespreekbaar maken. We zien dat vooral internationale promovendi het soms moeilijk hebben. Ze weten niet dat je naar een PhD-counselor kunt en dat je gesprek daar ook echt vertrouwelijk is. De remming willen we wegnemen.’

Hoe is jullie verhouding Nederlandse promovendi en internationale?

‘Op dit moment bereiken we vooral de internationale PhD’s. Als ze in Twente komen, worden ze vrijwel meteen lid om sociale contacten op te doen. De Nederlandse PhD’s willen we dit jaar dus ook meer bereiken. We denken dat dit kan door nog meer die rol van belangenbehartiger in te vullen.’

Tot slot, als promovendus zit je vier jaar in een snelkookpan. Heb je tijd voor dit voorzitterschap?

‘Natuurlijk, je kunt niet alles bereiken. Maar het bestuur bestaat naast de drie gekozen leden uit zo’n vijftien actieve mensen. Dat maakt het behapbaar. En ik zit in mijn tweede promotiejaar, dan heb je nog wel wat tijd voor iets erbij. De meeste promovendi trekken zich de laatste twee jaar wat meer terug om zich volledig op het proefschrift te richten. Het zal druk worden, maar ik denk dat het belangrijk is om een stevig promovendinetwerk op de UT te hebben.’