Rector: ‘Boegbeelden nodig voor onderzoek én onderwijs’

| Rense Kuipers

Rector magnifcus Thom Palstra wil dat wetenschappers gewaardeerd worden om goed onderwijs. Daarom moeten onderwijsprestaties mee gaan tellen in het carrièrepad naar het hoogleraarschap, zo werd onlangs bekend gemaakt. Volgens de rector zijn de faculteiten nu aan zet.

Photo by: RIKKERT HARINK

Wat was de aanleiding om beleid te maken op onderwijswaardering?

‘In de academische wereld wordt onderzoek doorgaans meer gewaardeerd dan onderwijs. Dat weegt mee in de carrièrepaden die wetenschappers kiezen. We merkten dat de behoefte ontstond om waardering ook voor onderwijsprestaties te laten gelden. Als college van bestuur willen we gedifferentieerde groei mogelijk maken, zodat de balans tussen onderzoek en onderwijs niet naar één kant doorslaat.’

Waarom wil de UT dit?

‘Op deze manier willen we waardering voor goed onderwijs ook op papier uitdrukken. Zie het als een steuntje in de rug voor onze wetenschappelijke staf. Mensen moeten zich gestimuleerd en ondersteund voelen om zich ook op onderwijsgebied verder te ontwikkelen.’

Tegelijkertijd ligt de lat hoog. Zo moet iemand ‘national en international leader in teaching and learning’ zijn. Is dit realistisch?

‘De lat ligt inderdaad hoog. Veel onderwijs geven is niet voldoende. Je moet laten zien dat je impact hebt en daarvoor erkend worden door vakgenoten, op landelijk en internationaal niveau. We geloven zeker dat dit haalbaar is. Er zijn tal van gerespecteerde organen die zich bezighouden met onderwijsontwikkeling. Daarbij, hoogleraar word je niet in een week. Het is aan iemand zelf om sturing aan zijn of haar loopbaan te geven, ook in focus op onderwijs. Jaargesprekken zijn bijvoorbeeld goede momenten om dit onderwerp aan te kaarten.’

De UT spiegelt dit beleid aan het teaching excellence framework van onderzoeker Ruth Graham. Is dit de geijkte weg?

‘Het was een bewuste keuze. Graham dacht zelf mee hoe we dit op de UT konden vormgeven. Ze adviseerde mijn voorganger Ed Brinksma hierover. Overigens verschilt het per universiteit ze met ‘excellent teaching’ omgaan. Maastricht heeft bijvoorbeeld onderwijshoogleraren. Daarvoor geldt dat ze zich in twee vakgebieden moeten profileren op het gebied van onderwijs. Die kant willen wij niet op. Wij zien onze hoogleraren liever op zowel onderwijs- als onderzoeksgebied excelleren. Die balans is belangrijk. Er zijn boegbeelden nodig in onderzoek én onderwijs.’

De ambitie is om binnen enkele jaren per faculteit gemiddeld twee hoogleraren met focus op onderwijs te hebben. Een haalbare ambitie?

‘Nu zijn de faculteiten aan zet. De eerste kandidaten zijn al geïdentificeerd, dus ik verwacht dat het zeker mogelijk is om per faculteit twee of drie benoemingen te realiseren. Als dat over een jaar of twee à drie niet is gelukt, ben ik erg teleurgesteld. Voor de toekomst hebben we de ambitie om dit beleid verder door te voeren. Dit traject richt zich in principe op universitair hoofddocenten, op termijn willen we hier ook universitair docenten in meenemen.’