Fraunhofer wil brug slaan over ‘valley of death’

| Rense Kuipers

Het Fraunhofer Project Center (FPC@UT) op de campus opent vandaag officieel haar deuren. Na een lange aanloop is het zover. Waarom vestigt het gerenommeerde Duitse onderzoeksinstituut zich hier en wat willen de oosterburen uit de samenwerking te halen? FPC-managing director Maurice Herben geeft antwoord.

Photo by: Arjan Reef

Wat was de reden voor Fraunhofer om een samenwerking aan te gaan met de UT?

‘Fred van Houten (UT-hoogleraar design engineering, red.) was de initiator, vanuit zijn goede connectie met de Fraunhofer-Gesellschaft. Gezamenlijk bedachten ze dat het een goed idee was om op de UT het eerste projectcentrum namens Fraunhofer in Nederland te realiseren.’

Zoiets komt toch niet alleen tot stand vanuit een netwerkconnectie?

‘Uiteraard niet, maar een goed netwerk is altijd de drive achter successen. Daar start het mee, vervolgens kijken we naar de inhoudelijke meerwaarde van een samenwerking. Bij Fraunhofer geldt daarvoor de rekensom dat één plus één drie moet zijn. En die som lijkt hier in Twente wel degelijk te kloppen. Inhoudelijk is er een heel goede match met het Fraunhofer IPT in Aken. Daarnaast denk ik dat Twente het erg goed voor elkaar heeft. Kijk bijvoorbeeld naar de plannen voor Technology Base Twente (het voormalige Vliegveld Twenthe, red.), zulke initiatieven vind je nergens.’

Hoe ziet het projectcentrum er in de praktijk uit?

‘We hebben een kantoor op de derde verdieping van de Horsttoren, met ruimte voor een tiental mensen. We starten in ieder geval met zo’n 8 fte aan personeel, waaronder twee projectmanagers. Maar het doel is zeker om het personeelsaantal flink te laten doorgroeien en tegelijkertijd de samenwerking op te zoeken met onderzoekers binnen de universiteit.’

Waar streeft Fraunhofer naar?

‘Op een universiteit of kennisinstelling wordt vaak een concept uitgewerkt tot een zogeheten proof of concept. Je kunt dat zien als het gaan van stap 1 naar stap 4 binnen een ontwikkelingsproces. Vanuit het bedrijfsleven is er een grote vraag naar stap 7 tot 9, oftewel een volledig uitgewerkte en werkende productieoplossing. Daar zit een vrij groot gat tussen; een gat dat te groot is voor bedrijven en kennisinstellingen om zomaar in te investeren. Daar is het onderzoeksgeld ook normaal gesproken niet voor. Met het Fraunhofer Project Center denken we innovatieve ideeën en de praktijk bij elkaar te kunnen brengen. Met andere woorden, we willen een brug slaan over de zogeheten valley of death, zoals je het gat van stap 4 naar stap 7 ook kunt noemen.’

Hoe proberen jullie dat in Twente te doen?

‘De focus hier ligt op smart industry, in het bijzonder smart production for smart products. Veel bedrijven lopen met de vraag wat ze met de nieuwe, slimme ideeën voor de industrie moeten, terwijl op de UT daar al veel kennis over ontwikkeld is. We beginnen met vijf pilotprojecten: predictive maintenance, laser forming, e-nose production, wafer-level glass molding en multi-material laser-direct microcircuit generation. We werken met productiemachines, zijn bekend met productieprocessen. Het draait om het matchen van competenties vanuit Fraunhofer IPT in Aken en de UT, zodat we aan bedrijven de mogelijkheden die er bestaan op het gebied van toegepast onderzoek kunnen laten zien.’

Wat zijn concrete doelstellingen voor het FPC?

‘Het centrum moet groei vertonen. Belangrijk is dat we projecten binnenhalen en daarin ligt een belangrijke focus op de industrie. Zij moeten ons vinden, wij moeten ze bedienen en zij zullen er op hun beurt voor moeten zorgen dat projecten geld opleveren voor het project center. Hoeveel? We denken aan een totale som van 20 miljoen euro over een periode van vijf jaar. Daarnaast willen we qua personeel groeien naar 30 fte.’

En na vijf jaar?

‘Dan volgt een officieel evaluatiemoment, omdat het contract voor vijf jaar getekend is. Dat is het moment om te bekijken wat het vervolg is. Het kan een instituut worden, het kan ook bij een project center blijven. Worst case scenario is dat de stekker eruit gaat. Maar we hebben er alle vertrouwen in. We zijn nog niet eens officieel in de lucht en de nodige contacten zijn er al; niet alleen met regionale bedrijven, maar er lopen ook al gesprekken met grote Nederlandse spelers.’

‘Als Fraunhofer zien we het als onze taak het project center te laten groeien – zelfs om te zorgen dat het niet alleen daarbij blijft. We beginnen qua disciplines heel breed, maar we willen hier uiteindelijk in een bepaalde richting iets unieks neerzetten, denk aan een bepaald specialisme. Dit initiatief moet op de lange termijn genoeg inhoud hebben. Daar streven we naar.’