Hunted: televisie als dataschat

| Ton Fiselier

Twaalf mensen die drie weken lang uit handen van een speciale opsporingsdienst proberen te blijven. Het klinkt als spannende televisie maar voor Ellen Giebels, professor Social Psychology of Conflict and Safety aan de UT, is het nieuwe tv-programma Hunted vooral een goudmijn voor data.

Photo by: AVROTROS/Michael Dijkstra

Hunted’ is een televisieprogramma waarin twaalf kandidaten van de radar proberen te verdwijnen en 21 dagen lang een speciaal geformeerd team van opsporingsdeskundigen moeten ontlopen. De show is een ware hit in Groot-Brittannië en is sinds afgelopen maandag ook op de Nederlandse tv te zien. Ellen Giebels, onderzoeker en professor aan de UT, is nauw aan het programma verbonden. Ze doet namelijk onderzoek naar de ‘psychologie van de voortvluchtige’.

Veldonderzoek

Elsine van Os, een oud-student van me, werd gevraagd voor het opsporingsteam van het programma en zag in het concept een mooie kans voor wetenschappelijk onderzoek. Ze nam contact met me op en polste me voor een samenwerking’, vertelt Giebels. ‘Ik was direct enthousiast. Het programma benadert de realiteit van een voortvluchtigenscenario, en is dus een uitgelezen mogelijkheid om veldonderzoek te doen.’

Het onderzoek van Giebels is een pilot. Dergelijke research gekoppeld aan een realityprogramma heeft zich volgens haar nog niet eerder voorgedaan. ‘Voor zover ik weet zijn wij de eersten. Van collega’s uit andere landen krijg ik enthousiaste reacties. Mocht de reeks een tweede seizoen krijgen, dan zijn we zeker geïnteresseerd in een vervolgonderzoek.’

Meetapparatuur

Het onderzoek bestaat uit een aantal verschillende onderdelen. ‘Vooraf hebben we alle kandidaten een uitgebreide vragenlijst laten invullen om zo tot individuele profielschetsen te komen. Daarnaast hebben we in samenwerking met het Tech4People Lab alle deelnemers van meetapparatuur voorzien. Gedurende de opnameperiode droegen verschillende deelnemers een huidweerstandsmeter waarmee we hun stressniveaus registreerden en hadden zowel de voortvluchtigen als de mensen van het opsporingsteam een GPS tracker bij zich. Op die manier kunnen we zien hoe iedere deelnemer zich gedraagt. Vluchten ze ver weg, of blijven ze juist in hun vertrouwde omgeving? En hoe is de spanningsopbouw? Nemen de stressniveaus gaandeweg af, of loopt de spanning juist op? Na afloop van de opnameperiode hebben we alle kandidaten mondeling geïnterviewd. Uit al die data kunnen we patronen distilleren en zo bekijken hoe voortvluchtigen reageren en zich gedragen, welke afwegingen ze maken en die informatie afzetten tegen de profielschetsen van iedere individuele deelnemer.’

Spanningsveld privacy en veiligheid

Het programma zelf heeft Giebels overigens met plezier bekeken. ‘Het roept veel vragen op. Bijvoorbeeld wat je zelf zou doen in een vergelijkbare situatie, maar het brengt ook de zichtbaar- en traceerbaarheid van mensen naar voren. Je realiseert je opeens hoeveel sporen een mens eigenlijk achterlaat. Dat leidt tot een spanningsveld tussen privacy en veiligheid.’

De analyse van al die data is nog niet afgerond. ‘We hebben een grote hoeveelheid aan informatie, dus we zijn nog bezig met het verwerken daarvan. Uiteindelijk is het uiteraard de bedoeling dat we onze bevindingen publiceren. Het zou mooi zijn als de opsporingsdiensten iets met het onderzoek kunnen. Verschillende overheidsorganisaties hebben in ieder geval al interesse getoond.’