MESA+-onderzoek naar griepvirussen

| Kitty van Gerven

Waarschijnlijk nog voor de zomer zal bij MESA+ een grootscheeps onderzoeksproject worden opgestart naar griepvirussen. Professor Jurriaan Huskens heeft hiervoor een subsidie van ruim een miljoen euro in de wacht gesleept.

Het merendeel van het geld – 780.000 euro- komt van een TOP-subsidie van NWO. De rest, een bedrag van 225.000 euro, wordt beschikbaar gesteld door de VolkswagenStiftung. Het geld zal worden gebruikt om door middel van onderzoek bij MESA+ technologie te ontwikkelen waarmee kan worden gemeten in welke mate influenzavirussen besmettelijk zijn voor de mens.

Vogelgriepvirus H5N1

‘In principe onderscheiden we twee verschillende klassen van griepvirussen: zoogdiergriepvirussen en vogelgriepvirussen’, legt Huskens uit. Het is bekend dat sommige griepvirussen kunnen overspringen van vogels op mensen, zoals het vogelgriepvirus H5N1 dat al ruim tien jaar menselijke slachtoffers maakt. ‘Wat we echter niet weten, is waarom sommige virusstammen heel eenvoudig, soms al na enkele mutaties, van dier op mens kunnen overgaan, terwijl andere virusstammen talloze mutaties ondergaan zonder dat er ooit een mens mee besmet raakt’, aldus Huskens.

Celmembranen

Om hier achter te komen zullen bij MESA+ kunstmatige celoppervlakken op chips worden gecreëerd. Door in deze nagebootste celmembranen te variëren met de hoeveelheden en de types suiker (een besmetting vindt plaats doordat de eiwitten aan de buitenkant van een virus zich hechten aan de suikers op het celmembraan van dier of mens) kunnen volgens Huskens de voorwaarden voor besmetting worden gedetermineerd. In het onderzoek zal worden gekeken naar de besmettingskansen van zowel mensen als dieren. ‘Hierdoor kun je vervolgens beter inschatten bij welke varianten van vogelgriepvirussen de kans groter is dat ze ook gevaarlijk zijn voor de mens’, aldus Huskens.

Het onderzoek zal in twee delen uiteen vallen. Bij beide projecten werken de onderzoekers van de vakgroep Molecular Nanofabrication van MESA+ nauw samen met onderzoekers van het Research Center for Emerging Infections and Zoonoses (RIZ) van de Tierärztliche Hochschule Hannover in Duitsland.

Foto: Centers for Disease Control and Prevention.