Sociaal, empathisch, elektronisch

| Sieme de Wolf

Valt een robot zo te programmeren dat deze menselijke emoties aanvoelt? Vanessa Evers onderzoekt social robotics aan de UT. Donderdagmiddag hield ze een talk bij NRC Live over gevoelige technologie.

Photo by: Gijs van Ouwerkerk

Evers krijgt samen met het veertigkoppige team Human Media Interaction-onderzoekers veel aandacht in haar poging een menselijke touch te geven aan robots. In een vol zaaltje bovenin in de Beurs van Berlage in Amsterdam hield ze haar presentatie over de menselijke mogelijkheden van machines.

Aanvoelen

‘Robots moeten aan de hand van patronen die zij waarnemen kunnen identificeren wat er precies aan de hand is’, begint Evers haar verhaal. ‘Wanneer een kind ruzie maakt met een ander, of wanneer een ouder persoon de weg kwijtraakt, dat soort dingen moet een robot kunnen aanvoelen.’ Volgens de onderzoekster moeten de robots impliciete signalen kunnen oppikken die wij mensen in ons gedrag en onze communicatie logisch vinden. ‘Social referencing skills heet dat.’

Bejaardentehuis

Evers benadrukt de interesse die mensen hebben in dit onderwerp en de impact op het grote publiek. ‘Mensen willen weten hoe de toekomst eruit ziet. Robots die voor een groot publiek toegankelijk zijn kunnen alles veranderen. Denk aan een robot die diensten biedt aan mensen in het bejaardentehuis, of in ziekenhuizen het gebruikte beddengoed ophaalt. Een robot zou ons van grote dienst kunnen zijn.’

Een ander voorbeeld van wat een ‘sociale robot’ allemaal kan, is aanvoelen wanneer het eten opgediend moet worden voor een verlamd persoon die dat zelf niet kan. ‘Mensen schuiven aan en praten wat, en wanneer er een natuurlijk stilte valt, voelt de robot dat, en biedt het eten aan.’

Evers vervolgt: ‘Op een vliegveld moet een robot die mensen ophaalt bij de gate een sociale situatie begrijpen. Het moet bijvoorbeeld een gezinnetje kunnen herkennen en daar omheen rijden. Het detecteren van complex sociaal gedrag heet ‘Social Scene Detection’. Sociaal gevoelige technologie eigenlijk.’

Ethische aspecten

Er zitten nog wel ‘enkele haken en ogen’ aan de slimme robots. Zoals bij de social referencing skills, vertelt Evers. ‘Elke cultuur is anders, dus moet de robot zich ook aan kunnen passen aan verschillende vormen van gedrag. Ook moeten we bepalen wat er met de big data gebeurt die een robot opneemt, en waar deze data terecht komt. Dit vereist dat we met zijn allen om de tafel gaan zitten en belangrijke ethische, sociale en maatschappelijke aspecten bespreken.’

Begrijpen

Maar Evers blijft optimistisch. ‘Het gedrag van de robot in onze dagelijkse omgeving moet natuurlijk zijn, en moet passen bij de manier waarop wij mensen met elkaar omgaan. We willen een robot die mensen begrijpt zoals wij elkaar begrijpen, iets kunstmatigs dat zich gedraagt op een manier die bij mensen past.’