Nieuwe categorie hoogleraren

| Redactie

De Universiteitsraad heeft vanmorgen ingestemd met het Vastgoedplan en het instellen van nieuwe categorieën hoogleraren. Ook werd er gesproken over de keuzes achter de prestatieafspraken die de UT maakt met het Ministerie van Onderwijs.

In de notitie Nieuwe Uitgangspunten Hooglerarenbeleid wordt onderscheid gemaakt tussen vijf typen hoogleraren: de adjunct-hoogleraar, de hoogleraar, de senior hoogleraar, de bijzondere hoogleraar en de universiteitshoogleraar. Het CvB vroeg de Uraad in te stemmen met deze nieuwe categorie, en specifiek met de nieuwe onderdelen ‘adjunct hoogleraar’ en ‘senior hoogleraar’, zodat dit vervolgens in het Bestuurs- en beheersregelement van de UT kan worden opgenomen. De Uraad vroeg zich daarbij af of er nog geen hoogleraren binnen de UT zijn die in deze categorie vallen. Volgens Brinksma ging het om ‘achterstallig huiswerk’, want er zijn al medewerkers met een dergelijke aanstelling. De Uraad benadrukte dat het ook goed is om een categorie ‘universiteitshoogleraar’ te hebben, waarna met de notitie werd ingestemd.

In de discussie rondom de prestatieafspraken vroeg studentenpartij UReka aan rector Ed Brinksma of het niet verstandig zou zijn om de uitkomsten van de nationale studentenenquête mee te nemen als studentenoordeel. Daar bleek de rector niet al te enthousiast over. ‘Ik hecht belang aan studentenoordeel, maar vindt de nationale studentenenquête methodologisch niet goed onderbouwd. Als er een betrouwbaarder methode is, wil ik daar uiteraard naar kijken.’ Verder zei Brinksma dat rondom de prestatieafspraken veel intensieve gesprekken gevoerd worden, waaronder met mensen in faculteiten en de decanen. ‘Het is voor ons van belang om afspraken kort en helder te houden.’ De CC-fractie was niet tevreden over de informatie die Brinksma verstrekte, over het procesverloop rondom de prestatieafspraken. Ook vroeg de fractie zich af of het CvB wel de juiste cijfers hanteerde. De rector zei het vertrouwen te hebben de ‘juiste punten’ wel te hebben. Begin mei moet staatssecretaris Zijlstra de prestatieafspraken van alle universiteiten en hogescholen binnen hebben.

Van de prestatieafspraken ging de discussie over op het Onderwijs- en Examenregelement. UReka stelde vragen over de nakijktermijn van docenten. Vooral in augustus kan dat problemen opleveren als straks de harde knip wordt ingevoerd, en studenten tijdig beslissingen moeten nemen over een vervolg of andere opleiding. De rector zei dat dit de ‘volle aandacht’ van het CvB had, en momenteel onderzoekt of vanaf 2013 de hertentamens al in juli plaats kunnen vinden in plaats van augustus. ‘En als studenten de dupe zijn van overschrijding van de nakijktermijn, dan is er de mogelijkheid om een schadeclaim in te dienen.’

Stay tuned

Sign up for our weekly newsletter.