Op dit moment is dertien procent van de hoogleraren in Nederland vrouw. Het Europees gemiddelde is twintig procent. “Een evenredige vertegenwoordiging van vrouwen onder hoogleraren komt niet vanzelf, zei LNHV-voorzitter Els Goulmy vrijdag in Utrecht bij de presentatie van de documentaire Mevrouw de Professor. De voorzitter wees er op dat EU-commissaris Viviane Reding deze week in Brussel over quota voor vrouwen in topfuncties sprak. In Utrecht bleken vrijwel alle vrouwen voorstander van quota.
“Jarenlang is gezegd dat we de wetenschap moeten verleiden meer vrouwen aan te stellen, maar ik ben helemaal klaar met verleiden, het is tijd voor quota”, zei Yvonne Benschop, hoogleraar organizational behaviour aan de Radboud Universiteit. “We weten al jaren dat er allerlei subtiele onderhuidse mechanismen zijn waardoor vrouwen systematisch worden onderschat en bij iedere stap in hun carrière verliezen.”
Ze kreeg bijval van Wiljan van den Akker, decaan van de faculteit geesteswetenschappen in Utrecht. “Zeggen dat je tegen quota bent omdat de beste kandidaat hoogleraar moet worden, houdt het verkeerde mechanisme in stand. In de meeste vakgebieden is de beste te vinden door voor een vrouw te kiezen.”
“Wij hebben in Nederland het ideaal van meritocratie, we denken dat de beste wel komt bovendrijven. Maar zo werkt het niet”, beaamde ook Simone Buitendijk, vice-rector magnificus van de Universiteit Leiden.
VSNU-voorzitter Sijbolt Noorda is geen voorstander van quota, maar vindt wel dat dat er nu echt wat moet gebeuren: “Het selectieproces moet anders, de doelstellingen strenger en vrouwen moeten zichzelf zichtbaarder maken”, zegt hij na afloop. “De film was op dat punt een gemiste kans. De discussie hebben we nu wel gevoerd. We moeten de stilzwijgende lamlendigheid doorbreken en over tot actie.”
HOP