‘Ik neem de zorgen van de studenten serieus’, verzekert Brinksma. ‘Ik zal dit signaal zeker oppakken. Tegelijkertijd zie ik dat de onrust berust op een eenzijdige interpretatie van de onderwijsplannen. Die zorgen zijn onterecht en veel te vroeg. Studenten zijn vreselijk bang dat er geen flexibiliteit meer is, maar dat kun je nu nog niet concluderen.’
![]()
foto: Gijs van Ouwerkerk
Brinksma denkt dat een deel van de onrust al weggenomen wordt naarmate duidelijker wordt hoe het Twents onderwijsmodel, dat vanaf september 2013 geldt, eruitziet. ‘Nu wordt het model enkel slechte eigenschappen toegedicht. Begin volgend jaar gaan we concreet over de invulling praten, ook met een commissie van de Student Union.’
Flexibiliteit
Grootste angst van de studenten is dat het modulaire onderwijs in blokken van 15 studiepunten (EC) per kwartiel geen ruimte overlaat voor activisme. Volgens Brinksma is dat onzin. ‘Je studie is straks een werkweek. Maar daar moet je sowieso nog twintig uur aan andere activiteiten naast kunnen doen. Misschien niet allemaal in de avond, misschien verschuift dat. Het modulair onderwijs is ook niet aan 9-tot-5-schema’s gebonden. Als je projectwerk doet, kun je zelf een tijdstip kiezen.’
‘Ik ben ervan overtuigd dat in dit systeem je bewuster bezig bent met je opleiding en daardoor meer succes hebt. Nominaal studeren wordt de norm. Als je dat min of meer aanhoudt, betekent het dat je tussen een half en een heel jaar overhoudt voor activisme voor je te maken krijgt met de langstudeerboete.’
Anders inrichten
Er zal activisme zijn dat niet in twintig uur per week gedaan kan worden, realiseert ook de rector zich. Denk aan de Batavierenrace, Create Tomorrow, Kick-In, het Solarteam. Allemaal paradepaardjes die de UT voor geen goud wil missen. 'Maar natuurlijk ook het zwaardere bestuurswerk in sport-, cultuur-, studie- en gezelligheidsverenigingen. Daar zullen we een oplossing voor vinden. Het is jammer dat de staatssecretaris collegegeldvrij studeren niet ondersteunt, maar we kunnen iets implementeren dat daar dichtbij komt. Dat moet ik nog wel verder onderzoeken.'
Ander groot activisme zal volgens Ed Brinksma anders ingericht worden. ‘Kan een taak waar nu een student veertig uur per week mee bezig is ook door twee mensen twintig uur gedaan worden? En misschien blijkt dat niet alle vormen van activisme essentieel zijn voor de campus. Die kun je laten vallen. Maar dat is de laatste optie. Ik ben ervan overtuigd dat activisme blijft.’
‘Ik hoop dat studenten zullen merken dat hun zorgen en onrust onterecht blijken. Ik ken veel buitenlandse universiteiten waar studenten voltijd studeren, neem Engeland, en ook daar barst het van het activisme. Het vergt misschien alleen wat ondernemendheid om het anders in te richten. Verenigingen zouden daar sowieso over moeten nadenken, want de aankomende studenten krijgen allemaal te maken met de langstudeerregel. Daar zullen ze mee moeten dealen.’