De bladen

| Redactie

UK De tentamenhal van de Rijksuniversiteit Groningen krijgt komende maand 290 tafels met een uitklapbare computer. De universiteit gaat onderzoeken of tentamens en toetsen digitaal kunnen worden afgenomen. Dat moet docenten nakijktijd besparen. Ook is de voortgang van studenten beter te volgen en kan de toets gemakkelijker worden afgestemd op de leerstof. ‘Studenten zijn gewend om op computers te werken. Het is dan soms vreemd voor ze als ze opeens een essay op papier moeten schrijven. Dat vergt een andere werkmethode. Daarnaast is de leesbaarheid een belangrijk punt’, vertelt projectleider Sake Jager. De nieuwe tentamentafels zijn extra stil omdat de ingebouwde computer geen ventilator nodig heeft om te koelen. Cursor Over een klein jaar voert de TU Eindhoven definitief de harde knip in. Studenten kunnen nu nog met 160 studiepunten beginnen aan hun master, maar vanaf dan alleen nog met de volle 180 op zak. Volgens Cursor lijken de Eindhovense studenten die harde knip gelaten te accepteren. ‘Voor wie het relevant is, houdt er wel rekening mee. Maar dat het nou echt leeft..’, zegt derdejaars technische natuurkunde Maarten. Volgens student bouwkunde Joost is het zeker niet het onderwerp van de dag. ‘Maar’, zo zegt hij, ‘de meeste studenten halen het niet in drie jaar. De meesten hebben nog wel ergens een vakje openstaan. Eind vorig jaar was het een hot item, toen was er veel discussie over. Nu het zover is, zijn studenten er minder mee bezig, alleen als ze het probleem tegenkomen.’ Ad Valvas Kinderen die tussen hun tweede en zesde jaar dikker zijn dan leeftijdsgenoten, blijven dat vaak ook in de rest van hun leven. Het gewicht in deze leeftijdsgroep blijkt een betere voorspeller voor volwassen overgewicht dan metingen bij oudere kinderen, zo blijkt uit metingen van jeugdarts en epidemioloog Marlou de Kroon van de Vrije Universiteit. Vooral sneller groei van de Body Mass Index in de jaren voor het zesde levensjaar blijkt een goede voorspeller van later overgewicht. Kroon volgde 762 kinderen in Terneuzen vanaf hun geboorte tot volwassenheid. Mare In Leiden verzetten onderzoekers zich tegen de zogenaamde h-index. Die index (vernoemd naar bedenker Jorge Hirsch) vergelijkt de prestaties van wetenschappers. Als je acht wetenschappelijke publicaties hebt die acht of meer keer zijn geciteerd, heb je een h-index van 8. Voordeel van de index is dat hij publicaties die weinig aandacht krijgen, negeert, en ook het effect van één hype-artikel waarbij iemand slechts zijdelings betrokken was, wordt rechtgetrokken. Probleem volgens twee Leidse onderzoekers is echter dat de h-index zich raar gedraagt. Volgens hen zijn er meerdere manieren waarop een wetenschapper ineens een hogere h-index krijgt dan zijn collega, zonder dat productie of citaties daar aanleiding toe geven. ‘Wat je ook vindt van het beoordelen van wetenschappers op basis van hun citaten, de h-index moet je sowieso niet gebruiken, want dat getal gedraagt zich inconsistent’, aldus Ludo Waltman.

Stay tuned

Sign up for our weekly newsletter.