Alles moet tot in de puntjes verzorgd zijn wanneer grote artiesten zoals Anouk en Caro Emerald komen optreden. Onze evenementenmanager weet er alles van, lezen we in deze krant. Al weken lang rent hij zich de benen uit het lijf om het voor de artiesten van campuspop zo aangenaam mogelijk te maken. De beste man doet dat allemaal met hart en ziel. Zo is hij. Het mag hen aan niets ontbreken. Comfort en gemak. Daar draait het om.
Een heuse rider moet daar bij helpen. Het is een lijst van verzoekjes die de popsterren hebben voor hun optreden. De wensen gaan over de inrichting van hotelkamers, het vervoer, eten en drinken. Sommige popsterren gaan best ver met hun wensen. Elton John eiste dat zijn kleedkamer ’s zomers 15,5 graden was en in de winter 21,1. Amy Winehouse eist wijn, bier en sterke drank in haar hotelkamer. Wodka en champagne zijn een must. Na het optreden wil zij pizza van goede kwaliteit. Ook voor de crew. Het lijstje van de jonge Justin Bieber is nog clean. Wat nootjes, chips, thee en water staan erop. Lady GaGa kan er al wel wat van. Haar lijst varieert van een half liter melk tot vier blikjes Red Bull light, vier vitaminedrankjes, verschillende soorten fruitsap en frisdranken. Honing staat er ook op. En enkele plakjes kaas. Gekoeld. Ze mogen niet stinken en niet zweten. Je zult maar concertorganisator zijn. Een heavy job. Gelukkig hebben wij Caro en Anouk. Zeventien grote en zeventien kleine handdoeken. Een flesje champagne. Portie sushi. Lekker gewoon. Daar houden we van.
Coonen
Bijna zeven jaar lang was hij decaan van de faculteit Gedragswetenschappen en opeens was ie weg. Met stille trom vertrokken. Niemand die sindsdien nog iets van Hubert Coonen heeft vernomen.
Natuurlijk, wij hebben hem gebeld. We hadden nog wat vragen. Geen belangstelling, liet hij laatdunkend weten. ‘Dan moet ik zeker met jullie de hoogte- en dieptepunten doornemen? Alles wat ik zou willen zeggen, heb ik al eens gezegd.’
Zou je denken? Als een van onze fotografen over de campus struinde, stond de decaan met zijn neus vooraan. Als wij er dan met ons kladblokje achteraan hobbelden, vertelde hij met een zelfgenoegzame glimlach maar al te graag hoe geweldig zijn faculteit presteerde en hoe goed hij het voorhad met het onderwijs en onderzoek bij GW.
Iemand die nooit te beroerd was om zichzelf in de spotlights te zetten, iemand die de commissie voorzat die Route14(+) inleidde, iemand die bovendien het laatste jaar een faculteit leidde waar vakgroepen moesten fuseren en waar de opleiding onderwijskunde op de tocht kwam te staan, zo iemand heeft vast nog wel iets te vertellen. Dachten wij. Niet dus. Hoe belangrijk we Hubert ook maakten, voor een keer was hij zijn ijdelheid de baas. ‘Ik heb alles al gezegd,’ herhaalde hij. Vervolgens nooit meer iets van hem gehoord.
Tot kortgeleden. Bam, een uitnodiging in onze brievenbus. Een middagvullend afscheidsprogramma van prof. dr. Hubert W.A.M. Coonen op 27 juni. Met direct een telefoontje erachteraan of we een mooie fotoreportage komen maken. Op verzoek van Hubert zelf. Ons verbaast het niks, maar nu geven wij niet thuis. Ons argument: alles wat we van Hubert Coonen zouden willen fotograferen, hebben we al eens gefotografeerd.