CvB neemt deel van de Bergeradviezen over

| Redactie

Het CvB wil vanaf 2014 jaarlijks 6,3 miljoen euro minder uitgeven aan ondersteunende diensten. In 2010 wordt er alvast zeven ton bezuinigd, en volgend jaar 3,2 miljoen. Hoe het geld precies wordt opgehoest is nog niet duidelijk, maar het CvB neemt een groot deel van de voorstellen over die de commissie-Berger kort voor het kerstreces deed. Dit blijkt uit de voorlopige CvB-besluiten die binnenkort aan het UMT worden voorgelegd.

Joyce Berger, de voorzitter van de naar haar genoemde commissie, is hoofd van concerndirectie FEZ. Foto: Arjan Reef
Joyce Berger, de voorzitter van de naar haar genoemde commissie, is hoofd van concerndirectie FEZ. Foto: Arjan Reef

Het rapport Berger behelsde een besparingspakket van 10,5 miljoen. Hiervan boekt het college er dus 6,3 miljoen in. Dienstdirecteuren, sectorhoofden en commissies krijgen de opdracht om met nader uitgewerkte voorstellen te komen.

Het Facilitair Bedrijf krijgt de opdracht fors te besparen op de inkoop. De kwaliteit van het inkoopproces en de inkooporganisatie moeten omhoog. Het FB maakte zelf al een business case voor een verbeterde centrale inkoop, maar die moet nu nader worden uitgewerkt. De commissie-Berger ziet mogelijkheden voor een besparing van zes miljoen op de inkoop. Het CvB neemt dit bedrag vooralsnog niet als taakstelling over.

De Student Union en het servicecentrum Student &Onderwijs moeten samen een exploitatieplan opstellen voor de sport- en cultuurvoorzieningen op de campus. Union en S&O moeten daarbij kijken naar mogelijke extra inkomsten, en moeten daarnaast rekening houden met een `nader te bepalen bezuinigingstaakstelling'. De commissie- Berger sprak in december over 1 miljoen euro.

Ook de campusmanager -het bureau van Pieter Binsbergen- moet met ideeën komen voor inkomstenverhoging. Bovendien moet hij samen met het FB een visie ontwikkelen op `de kwaliteit en kwantiteit van de restauratieve voorzieningen op de campus'.

Het CvB is het eens met de commissie-Berger dat er bezuinigd kan worden op het pakket secundaire arbeidsvoorwaarden. Met het OPUT wil het college in overleg over wijzigingsvoorstellen die onder meer de internetvergoeding, jubileumgratificaties en verlofstuwmeren raken.

De directeur Strategie & Communicatie krijgt de opdracht een reorganisatieplan te maken voor de UT-brede (centrale en decentrale) communicatiefunctie. Die reorganisatie moet in elk geval leiden tot een `nader te bepalen kostenbesparing' (1 miljoen moet mogelijk zijn volgens de commissie-Berger). Bovendien moet de kwaliteit omhoog, de regie versterkt, en moet de uitvoerende communicatiecapaciteit voor de verschillende opdrachtgevers gebundeld worden in een `servicecentrum communicatie'.

De bedrijfscultuur op de UT moet een stuk zakelijker, vinden het CvB en de commissie- Berger. Medewerkers moeten duidelijker op hun functioneren worden aangesproken en de interne regelgeving rond vergoedingen en toelages stringenter gehandhaafd. De directeur PAO krijgt de opdracht om voorstellen te doen voor een zakelijker HRM-beleid.

Een nog in te stellen commissie moet zich gaan buigen over de bevoegdheidsverdeling tussen de decaan en de directeur bedrijfsvoering. Bij elke faculteit blijken de bevoegdheden en verantwoordelijkheden tussen decaan en directeur (in hun relatie met de servicecentra) namelijk weer anders geregeld.

Verder wil het college toe naar een vaste verhouding tussen OBP en WP en een normering van het percentage eerste geldstroommiddelen dat voor centrale taken mag worden afgeroomd.

De OBP-formatie mag voorlopig niet stijgen ten opzichte van 2009. Bij het wetenschappelijk personeel wil het CvB een flexibeler organisatie en een kleinere vaste staf. Het tenure-track beleid en andere vormen van flexibele aanstellingen zijn daar al voorbeelden van. De directeur PAO moet `streefwaarden' ontwikkelen voor de omvang van de vaste WP-staf en instrumenten ontwikkelen om deze waarden te bereiken.

Het CvB wil een commissie instellen die de bedrijfseconomische aspecten van het onderwijsaanbod moet onderzoeken. `Gedacht kan worden aan het vaststellen van een gewenste ondergrens voor het aantal studenten per opleiding, het vaker inzetten van studentassistenten, uniformering van onderwijsmodules en het optimaliseren van het gebruik van onderwijsruimten, labs en werkplaatsen.'

Het voorstel van de commissie-Berger om de ondersteunende diensten regelmatig aan een visitatie te onderwerpen wordt overgenomen. Het servicecentrum ICTS komt als eerste aan de beurt, gevolgd door S&O.

Wat betreft het verkleinen van het aantal faculteiten en instituten stelt het college dat op termijn deze discussie niet uit de weg moet worden gegaan. Maar voor het zover is, wil het CvB eerst de aanpassing van de onderwijsorganisatie (met het oog op de vorming van de schools) afronden.

De conclusies van de commissie-Berger staan in het UT-Nieuws van 17 december 2009.

Stay tuned

Sign up for our weekly newsletter.