(…) `Onze verwachtingen waren groot. De TH zou immers van plan zijn om een aparte studierichting in de biomedische techniek op te richten. Welnu, u zult zich wellicht herinneren dat er eindeloos gesproken is over de vorm en structuur van deze studie. Er waren veel voorstanders van een aparte studierichting. Zoiets zou ook hoogleraarconsequenties hebben voor ons als gastdocenten. Maar er was ook een tegenstroom die iets aparts helemaal niet zag zitten. Dat alles, ondanks het feit dat de toenmalige staatssecretaris Klein, zelf ooit hoogleraar in Delft in dit vak, de Twentse plannen aanmoedigde. De grote vraag was toen echter: is er wel een markt voorafgestudeerde biomedisch ingenieurs en zo nee, waar zijn we dan eigenlijk mee bezig? Niemand wist daar goed raad mee, totdat de ex-THT-studenten Halders en Scheffer in een rapport aantoonden dat er wel degelijk een markt was.' (…)
Oud-Papier
KLINISCH-TECHNOLOOG. Het ziet ernaar uit dat het trio buitengewoon hoogleraren in de biomedische techniek nog dit jaar compleet zal zijn. Twee zijn er inmiddels in die functie aan de slag, de benoeming van nummer drie - een Amsterdamse arts - wordt over enkele maanden verwacht. Het slotakkoord van de biomedische continuing story, die vele mensen jarenlang in spanning heeft gehouden, is aangebroken. Spanning, onhandige manoeuvres en teleurstellingen: de Bilthovense fysioloog prof. dr. F.H. Lopes da Silva, die zojuist in de afdelingen EL, CT en WB is benoemd, overleefde alle stormen en haalde het extra-ordinaat binnen dat hem door de THT al jaren geleden in het vooruitzicht was gesteld. Met de aantekening dat de Universiteit van Amsterdam hem vorig al als gewoon hoogleraar wist aan te trekken. Over drie jaar, als zijn herbenoeming in Twente aan de orde is, zal moeten blijken of die dubbelfunctie een gelukkige situaie is. In het Medisch-Fysisch Instituut in Utrecht, zijn werkgever voordat hij naar Amsterdam vertrok, spraken we met Lopes da Silva over de Twentse initiatieven op biomedisch terrein.
