Expositie Enschedese School in Rijksmuseum Twenthe

| Redactie

Over het bestaan van een Amsterdamse of Haagsche School in de kunstgeschiedenis zal niemand zich verwonderen. Maar een Enschedese School? Toch bestaat deze, zij het niet meer voor lang. Na twintig jaar geleden door een groep kunstenaars van de AKI opgericht te zijn, wordt met een expositie in het Rijksmuseum Twenthe een definitief einde gemaakt aan dit opvallende kunstenaarsinitiatief.

Zelfmoord op verjaardag

'De Enschedese School heeft alles gemaakt, behalve school' is een treffende zin uit het openingsartikel van de 88 pagina's dikke krant 'Laatste Post' die als een vreemdsoortige catalogus verschenen is bij de expositie. De Enschedese School werd in 1976, met steun van docent Geert Voskamp, opgezet door een aantal pas afgestudeerde studenten van de AKI. Onder het motto 'moderne kunst per PTT' kregen abonnees van de stichting vier maal per jaar een kunstwerk thuisgestuurd. Deze kunstwerken konden van alles zijn: van een kunstenaarsontbijtservies met meegeglazuurde verfvlekken, een onder het eigen label 'Idiot Records' geproduceerde muzieksingle tot de beeldroman De doka van Hercules van schrijver W.F. Bernards. Dit boek zou overigens ook als een CJP-geschenk dienst doen, maar werd op de valreep door het CJP-bestuur wegens vermeende ranzigheden tegengehouden.

De School, die zich overigens in 1981 in Amsterdam vestigde, had geen manifest en wilde ook niet zonodig een 'beweging' zijn. Naast een kleine vaste kern, bestaande uit onder andere Johan Visser, Frans Oosterhof, Willem Wisselink en Kees Maas, was het een komen en gaan van kunstenaars, onder wie ook Bram Vermeulen.

De laatste jaren heeft de Enschedese School een slapend bestaan geleid. Een stille dood is haar echter niet gegund. Nog eenmaal moet het werk van de school belicht worden met een overzichtstentoonstelling, die zowel in het Stedelijk Museum in Amsterdam als het Rijksmuseum Twenthe te zien is.

De kunstwerken van de Enschedese School zijn normaal niet te zien in musea en ontbreken in de boeken over kunstgeschiedenis, maar staan bij mensen thuis. Opgehangen aan de muur, maar vaak ook weggestopt in een oude doos met dierbare relikwieën die bij elke verhuizing weer opduiken en meegenomen worden. Voor de expositie hebben oproepen in kranten gestaan en zijn oude abonnees aangeschreven om de hun toegezonden kunstwerken uit te lenen.

In totaal heeft de groep in twintig jaar meer dan vijftig kunstwerken in oplage vervaardigd. Hoewel deze kunstwerken zeer divers zijn, hebben ze gemeen dat ze allemaal zonder al te veel pretentie zijn gemaakt. Soms is het beeld erg plastisch, zoals in de 'literaire uitbeelding' van een boek van Jan Cremer, waarin twee barbie-politieagenten zich vergrijpen aan een blondine. Andere werken, zoals Het zwaard des oordeels en de Gevleugelde Verfkwast, zijn abstracter. De vraag of het werk van de Enschedese School ook daadwerkelijk 'kunst' is, is misschien niet passend. Boven alles is het in ieder gavel opvallend.

Zelfmoord op verjaardag! Een overzichtstentoonstelling van het werk van de Enschedese School. Van 13 september tot 23 november in het Rijksmuseum Twenthe, Lasondersingel 129-131 Enschede, telefoon 053-4359002. Geopend van dinsdag tot en met zondag van 11.00 tot 17.00 uur. Entree 7,50 gulden en 5 gulden voor bezoekers onder de 18 jaar of met CJP. Groepen betalen 6 gulden per persoon.