In memoriam A. Nawijn

| Redactie

Op 10 december overleed door een noodlottig ongeval op 86-jarige leeftijd onze emeritus hoogleraar, dr. ir. Arjen Nawijn. Prof. Nawijn kwam na een eerder hoogleraarschap in Bandung en een functie bij de Optische Industrie in Delft, in 1968 naar Twente waar hij vorm en inhoud gaf aan de leerstoel Fijnmechanische Techniek (WB). Hij was een krachtige persoonlijkheid met uitgesproken ideeën over de in

Op 10 december overleed door een noodlottig ongeval op 86-jarige leeftijd onze emeritus hoogleraar, dr. ir. Arjen Nawijn. Prof. Nawijn kwam na een eerder hoogleraarschap in Bandung en een functie bij de Optische Industrie in Delft, in 1968 naar Twente waar hij vorm en inhoud gaf aan de leerstoel Fijnmechanische Techniek (WB). Hij was een krachtige persoonlijkheid met uitgesproken ideeën over de invulling van het vak, met name de productontwikkeling, maar ook over de kwaliteit van medewerkers die hij simpelweg indeelde in twee categoriën. De door hem zelf geselecteerde medewerkers schonk hij een bijna onbegrensd vertrouwen.

College gaf hij met name in de beginjaren het liefst in zijn eigen kamer. Werktuigbouwkunde was daarbij voor hem gewoon een stukje van de fysica waar hij zijn colleges dan ook mee doordrenkte. Schijnbaar zonder enige voorbereiding of dictaat kon hij borden vol schrijven met complexe mathematisch-fysische vergelijkingen zonder dat iemand hem op een fout betrapte. Soms had hij daarbij behoefte om na te denken, en dat kon even duren. Wanneer iemand het dan waagde de stilte te verbreken werd hij aanstonds gewaar dat hij zojuist een uniek denkproces verstoord had en waagde zoiets niet weer.

Zijn geheugen was fenomenaal hoewel hij wel eens klaagde dat de ruimte vol raakte. Pogingen om nieuwe ruimte vrij te maken door de Latijnse namen van alle ooit uit het hoofd geleerde planten, vogels en insecten te vergeten brachten echter geen uitkomst. Voor zijn medewerkers toonde hij altijd veel begrip en een warm hart. Ook met de gezinnen van zijn medewerkers leefde hij volledig mee. De avonden aan de Langenkampweg waar zijn vrouw Toos steeds een huiselijke sfeer wist te scheppen, droegen daar veel aan bij. Nawijn was Nawijn niet zonder zijn karakteristieke sigaar. Deze gebruikte hij soms voor rooksignalen. Een rookwolk in de kamer van een medewerker betekende 'ik heb je nodig'. De achterkant van de doos was zijn notitieboek.

Toen in de vakgroep een nauwkeurig weegtoestel voor plantentranspiratie was ontwikkeld, werd deze getest met onder andere een transpirerende voetballer en een sigarenrokende hoogleraar. Karakteristiek voor zijn nauwkeurigheid was dat zelfs de as daarbij werd gewogen. Studentenprotest in de woelige jaren was aan hem niet besteed. Problemen met kernenergie? "Ik droeg als student vaak een radioactief preparaat in mijn vestzak, lekker warm".

De betrouwbaarheid van apparaten zocht hij steevast met succes in goed doordachte mechanische constructies. Dit en de liefde voor de fysische achtergronden is bij medewerkers en studenten goed verankerd. Zijn support voor de studentenvoetbalvereniging Drienerlo - hij sloeg niet graag een wedstrijd over- werd beloond met een hoog percentage voetballers onder zijn studenten.

Typerend voor zijn veelzijdigheid was dat hij, toen hij op 68-jarige leeftijd besloot andere leuke dingen te gaan doen, zijn boeken uitdeelde aan zijn medewerkers en onder andere ging schilderen. De verdere ontwikkeling van het vakgebied volgde hij op afstand, met interesse en warme belangstelling voor zijn oud-medewerkers.

Zijn angst ooit nog eens afhankelijk te worden van anderen is niet uitgekomen.

Wij wensen de nabestaanden sterkte met dit plotselinge verlies.

Nawijn na zijn oratie in 1968 met echtgenote, rechts rector Vlugter.