Lekker soldaatje spelen

| Redactie

Brallende studenten die een beetje met een geweer klooien: de studentenweerbaarheid heeft niet altijd een goede naam. De Enschedese weerbaarheid Ares wil anders zijn. Serieus wanneer het moet en studentikoos wanneer het kan. Hun grote wens: de koningin de eregroet brengen tijdens Prinsjesdag.

Ares-lid Sjaak Mulder en bestuursleden Thijs Faber en Jorrit Bosselaar bij de Prins Bernhard Trofee, de prijs voor de beste Studentenweerbaarheid die Ares vorig jaar won.
Ares-lid Sjaak Mulder en bestuursleden Thijs Faber en Jorrit Bosselaar bij de Prins Bernhard Trofee, de prijs voor de beste Studentenweerbaarheid die Ares vorig jaar won.
(Foto: Arjan Reef)

Den Haag, Prinsjesdag 2009: op het Binnenhof waar de Gouden Koets met de koningin langsrijdt staan agenten, militairen én een groep van negentig studenten, die strak in de houding in ceremonieel uniform een erehaag vormen. Daar had een delegatie Enschedese studenten tussen kunnen staan. Sterker nog: de jongens van studentenweerbaarheid Ares willen niets liever. Ze proberen al drie jaar toestemming te krijgen om aan te sluiten bij de andere studenten.

Van oudsher hebben zes van de tien studentenweerbaarheidsclubs in Nederland het recht om aan Prinsjesdag deel te nemen, Enschede zit daar niet bij. Heel oneerlijk, vindt president Jorrit Bosselaar. `Vooral omdat wij vorig jaar de Prins Bernhard Trofee hebben gewonnen, de prijs voor de beste studentenweerbaarheid.' Na veel overleg en gesteggel kregen ze afgelopen maand verlossende mail van Defensie: hoera, ze mogen meedoen aan Prinsjesdag. Probleem opgelost toch? `Niet dus, om mee te doen hebben we een ceremonieel uniform nodig. Een net militair pak met allerlei tierelantijnen dat duizenden euro's kost. Vanuit Defensie zijn die nog niet voor ons geregeld.'

Ook bestuurslid Thijs Faber is teleurgesteld dat hij de koningin de eregroet niet kon brengen. `Ja, ze staan daar inderdaad met z'n allen stil op een rijtje. Je kunt je afvragen wat daar leuk aan is. Maar voor mij is het een hele eer om dat te mogen doen.'

Ares bestaat sinds 1998 en is de tiende en laatste studentenweerbaarheidclub die in Nederland is opgericht. Honderden jaren geleden werden studentenweerbaarheden ingezet in tijden van oorlog en bij de verdediging van het land. Tegenwoordig wordt de weerbaarheid in geval van oorlog direct ontbonden.

Officieel is Ares (ook wel Mars, genoemd naar god van de oorlog in de Griekse en Romeinse mythologie, red.), een schietvereniging, maar dat is niet de hoofdactiviteit, vertelt Jorrit. Als onderdeel van Audentis organiseert Ares (semi-) militaire activiteiten en onderhoudt ze nauw contact met Defensie. Het doel: wederzijds begrip kweken. Studenten krijgen door de samenwerking een beter beeld van Defensie en dat kan in hun toekomstige carrière van pas komen. Daarom trainen ze af en toe mee met de Nationale Reserve, doen ze mee aan schietwedstrijden en volgen ze lezingen. Ook lopen ze jaarlijks als militair mee met de Nijmeegse wandelvierdaagse. Toch zijn de leden niet heel militaristisch aangelegd, zeggen ze zelf. Slechts één van de 35 leden zit bij de nationale reserve en de rest heeft geen militaire ambitie. Thijs: `Ik ben vooral door mijn interesse in het avontuurlijke bij Ares terechtgekomen. Schieten is mooi om te doen en ik heb leren parachutespringen.' Jorrit heeft ook nooit serieus overwogen in het leger te gaan. `Voor mij is dit gewoon lekker ravotten met een stelletje jongens, lekker torens beklimmen en kanalen oversteken.'

Maar het betekent niet dat de jongens zich niet heel serieus met hun hobby bezig zijn. Jorrit: `Ik sprak een Delftse weerbaarheidstudent die opschepte dat hij met een kater aan Prinsjesdag meedeed. Dat vind ik echt respectloos, dat kan echt niet. Natuurlijk zijn we studenten en drinken we een biertje, maar wel nadat het werk is gedaan.' Thijs vult aan: `En de avond voor een schietwedstrijd zakken we zeker niet door in de kroeg. Dat is levensgevaarlijk. We zijn zeker studentikoos, maar alleen wanneer dat kan.' Schieten is namelijk een serieuze aangelegenheid. Eens per maand reizen de jongens af naar de Vliegbasis Twente waar de Glock-pistolen en Diemaco C7-geweren liggen opgeslagen in een kluis. Daar oefenen ze onder leiding van de Delta-compagnie van de Nationale Reserve. Bijna alle leden zijn inmiddels basisschutter.

Maar hoogtepunt van het jaar is voor velen toch wel de Nijmeegse Vierdaagse, waar een delegatie van vijftien Ares-leden ook dit jaar als militair aan meedeed. Sjaak Mulder is een van hen: `Dan loop je vijftig kilometer per dag, inclusief tien kilo bepakking in je rugzak. Meestal zijn dat bakstenen of zand en daar komen dan ook nog eens je lunch en drinken bij. Heel objectief gezien sta je daar in je pakje naast elkaar. Maar als je loopt, heel netjes strak naast elkaar tussen de echte militairen, dan voel je je zo sterk als groep.' Jorrit: `De cadans van de kisten die tegelijkertijd over de grond gaan is geweldig.'