De zilveren speld met in het midden de N van NIKOS glinstert op de revers van zijn colbertjasje. Van Tilburg bekijkt het metalen stukje nog eens rustig. `Schouderklopjes zijn fijn, maar deze speld voelt als een enorm stuk waardering.' Hij biecht op dat het nu pas begint door te dringen dat-ie gehuldigd is voor zijn verdiensten op het gebied van ondernemen en innovatie. Als zelfstandig ondernemer (Van Tilburg Innovation) en als parttime medewerker bij NIKOS (sinds 2003) gebruikt hij zijn ondernemersgevoel om innovatietrends op te sporen en te vertalen naar bijvoorbeeld de Universiteit Twente.
Een recente ontwikkeling is VentureLab Twente en in het bijzonder het softlanding programma. `Zoals de naam al zegt, bieden we bedrijven die hun vleugels willen uitslaan in Europa een `zachte' landing. We helpen met het aanvragen van visa, cultuurverschillen en trainingen.'
Het idee komt van de Amerikaanse National Business Incubation Association (NBIA), vertelt hij. `Bijna tweeduizend incubators uit zestig landen zijn lid. Enkele daarvan zorgen wereldwijd voor de genoemde softe landingen. Europa heeft drie locaties. In Frankrijk, Engeland en in Nederland. Enschede, dus.' Weer een nieuwe stap op ondernemersgebied. Niet verwonderlijk. Bij de Universiteit Twente zit ondernemen in de genen, ervaart Van Tilburg. `Hier gebeurt echt wat. Met het Kennispark Twente is een belangrijke stap gezet. Het te renoveren gebouw Langezijds (werknaam De Etalage, maar binnenkort officieel om te dopen tot The Gallery, red.), sluit daar als business generator prachtig bij aan. En het VentureLab. Nee, ik zou er zelf niet voor gekozen hebben om de ondernemende universiteit te schrappen van het UT-logo. Maar goed, de inhoud is belangrijker dan het etiket zullen we dan maar zeggen.'
Maar ook de TOP-regeling voor startende ondernemers, het NIKOS (Nederlands Instituut voor Kennisintensief Ondernemerschap, red.) en de ECIU (European Consortium of Innovation Universities, red.) zijn in Van Tilburg's ogen waardevolle ontwikkelingen. `Een volgende stap zie ik graag op internationaal gebied gebeuren. Binnen de ECIU bijvoorbeeld. Dat zijn onze partneruniversiteiten, dus waarom doen we er niet iets mee? Een TOP-regeling voor global start-ups bijvoorbeeld.'
De UT moet ook vooral een goed graantje meepikken van alle investeringen die ze doet, vindt Van Tilburg. `Bij intellectual property is dat goed geregeld. Dat heeft een waarde uitgedrukt in een aandelenpakket. Maar de UT doet meer. Ze is aanjager, heeft een groot internationaal netwerk, stimuleert en motiveert. Die meerwaarde kun je verzilveren in bijvoorbeeld een aandelenpakket.'
Ideeën heeft Van Tilburg nog steeds, zo blijkt. Zijn bijdrage aan innovatie en ondernemerschap waarvoor hij afgelopen donderdag werd gehuldigd, begint in 1979 met een paginagroot artikel in de regionale krant over het adviesbureau Van der Meer & Van Tilburg. `Het was echt zo'n stuk', lacht hij en schetst met zijn handen de omvang. `In die tijd was het heel bijzonder dat twee pas afgestudeerden een bedrijf oprichten. De toenmalige rector magnificus van de UT, Harry van den Kroonenberg, zag spin-offs als een levende brug tussen de wetenschap en de praktijk. Hij was beleidstechnisch de aanjager van ondernemerschap. UT-medewerker Dick van Barneveld was dat op operationeel niveau. Bij hen zit ondernemen en innovatie verankerd in de persoon. Ja, eigenlijk net zoals dat bij mij het geval is.'
Het krantenartikel leidde tot een gesprek met de rector en een grote opdracht. Het college van bestuur wilde weten welke mogelijkheden er waren om de oprichting van nieuwe bedrijven te bevorderen. `Wat bleek? De voormalige Technische Hogeschool bestond vijftien jaar en had al 43 ondernemingen voortgebracht.' Van Tilburg pakt het onderzoek erbij en vertelt dat destijds 80 procent van de medewerkers positief is over het stimuleren van bedrijvigheid en 92 procent bereid te helpen. `Van den Kroonenberg wilde dat overal vertellen. Hij adviseerde ons een samenvatting te schrijven en er een glimmend kaftje omheen te doen. Daarmee trok hij door het land. Steevast noemde hij onze bedrijfsnaam als uitvoerders van het onderzoek. Dat leidde tot een fiks aantal opdrachten van onder andere het ministerie van Economische Zaken en de Sociaal Economische Raad. We onderzochten hoe Nederlandse kenniscentra, de industriële researchsector en de semioverheid dachten over het stimuleren van spin-offs. Dat onderzoek heeft de hele boel op gang gebracht en spin-offs op de kaart gezet.
Uit een onderzoek van 2003 naar best practices van de meest inspirerende spin-offs programma's van kennisinstellingen wordt op nationaal niveau de UT het vaakst genoemd. We zijn nationaal gezien nog steeds leading.'
| Gedeputeerde Carry Abbenhues staat op het punt Jaap van Tilburg de versierselen op te spelden behorend bij de Nikos Award. (Foto: Gijs van Ouwerkerk) |