Meet the Teacher: Erwin Hans

| Rense Kuipers

Wat maakt een docent goed? Waar haalt iemand de passie vandaan de soms stoffige stof boeiend te brengen? In de rubriek ‘Meet the teacher’ stellen we je voor aan de mensen met hart voor onderwijs. Deze aflevering: Erwin Hans, hoogleraar Operations Management in de Zorg.

Photo by: RIKKERT HARINK

Moe, maar zonder meer voldaan kijkt Erwin Hans terug op zijn tijd als opleidingsdirecteur van technische bedrijfskunde (TBK). Goed onderwijs begint immers met het neerzetten van een cultuur, de neuzen dezelfde kant op. Wanneer iets fout gaat het tegen elkaar durven uit te spreken en wanneer successen behaald worden ze ook samen vieren. Bijvoorbeeld op een ludieke manier, door ijsjes uit te delen. Want ‘zijn opleiding’ is ijskoud de beste van Nederland in z’n soort.

Volgens Hans komt het omdat TBK het TOM-onderwijs volledig heeft omarmd. Docenten groeiden naar elkaar toe, door samen onderwijs neer te zetten. En studenten werden zoveel mogelijk ontlast, door enigszins creatief om te gaan met de 15-ec-alles-of-niets-regel. Want het onderwijsmodel is niet hetzelfde als die hardheidsclausule. Het resultaat ziet hij nu terug, op het dakterras, bij studievereniging Stress en bij de koffieautomaat: een goede sfeer, een thuishonk en een gedeeld gevoel van trots.

De hoogleraar weet dat veel aankomt op de uitvoering. Vaardigheden boven kennis, daar draait het voor hem om. Iedereen binnen de bachelor houdt een eigen skills portfolio bij. Dus moet je bewijzen dat je kunt samenwerken, dat je kunt presenteren, dat je verslag kunt schrijven, je professioneel opstelt. Niks compenseren of door een ander laten oplossen. Want aan het eind van de rit moet je zelf je diploma verdiend hebben.

En uitdagen doet de hoogleraar op alle niveaus. Hans geeft zijn studenten – zeker zijn afstudeerders – veel eigen verantwoordelijkheid. Als het goed gaat, komt er een schepje bovenop. Want vaak is het probleem dat je aangereikt krijgt niet het échte probleem. De boodschap: graaf dieper in de materie. En spring hoger dan je daarvoor mogelijk achtte. Want als je je plafond nergens raakt, weet je ook niet waar je grenzen zijn en kun je die niet verleggen.

Daar kwam Hans als jonge docent met presentatiefobie zelf ook achter. Voor zijn allereerste college, pak ‘m beet twintig jaar geleden, bereidde de toen nog bloednerveuze Hans 180 slides voor. De voorbereiding alleen al kostte zo’n zes weken. En de feedback achteraf van zijn studenten was niet mals – en absoluut confronterend. Maar van falen leer je, weet Hans. En hij vond al snel zijn manier om het voor zijn studenten wél de moeite waard te laten zijn in de collegezaal te zitten: ontzettend veel interactie en storytelling. Want het dagelijks leven biedt voldoende aansprekende voorbeelden om lesstof te verrijken.

De resultaten spreken eigenlijk voor zich. Zijn alumni verspreiden zich als een olievlek over alle ziekenhuizen in Nederland. Want tijdens de opleiding ontdekken studenten in groten getale de liefde voor het logistiek managen in de zorg. Het mastervak dat Hans verzorgt – een game waarbij studenten zelf een operatiekamer managen – heeft in beoordelingen nog nooit lager dan een 9 gescoord. Dat leidde onder meer tot de titel UT-docent van het jaar. En ook landelijk wist hij bijna die titel binnen te slepen. Het geheim? Misschien wel nooit tevreden willen zijn.