Afsluiten met een knaller

| Reinout de Jong

Elke week strijden UT’ers om de overwinning. Soms op topniveau, soms in de kelderklasse en alles daartussen. In deze ‘wedstrijd van de week’, Arriba-coach Bas Reuvekamp die afgelopen vrijdag in Groningen zijn laatste basketbalwedstrijd coachte.

Hoe was het om de laatste wedstrijd van je team te coachen?

‘De wedstrijd was spannend. We hebben uiteindelijk met 69-71 gewonnen, de spanning was om te snijden. Het voelde goed om mijn carrière als basketbalcoach met een knaller af te sluiten. We hebben in deze competitie nog nooit zo hoog gestaan. De competitie is nu op de helft en we staan op de tweede plaats.’

Wat ging er goed, wat ging er minder?

‘Tot aan de helft stroomden de punten binnen en ging de algehele wedstrijd erg goed. Daarna begon het andere team nogal te domineren, dat is tevens één van de leerpunten van dit team: laat je niet intimideren en behoud de regie. Tegen het einde van de wedstrijd stonden we zo’n 19 punten achter. Toen maakten we toch nog een inhaalslag.’

Hoe komt zo’n omslag tot stand?

‘Ik hoorde de spelers onder elkaar letterlijk zeggen: “jongens, dit hebben we eerder meegemaakt.” Op dat moment bouwt de flow weer op en zijn we niet weg te slaan. Zo’n opgebouwd momentum komt voort uit zelfvertrouwen.Het was mooi om te zien hoe dat terugkeert op zo’n cruciaal en spannend moment.’

Hoe kijk je terug op je laatste wedstrijd?

‘Ik ben blij met de overwinning. De tweede plaats is natuurlijk niet niks. Dit is het hoogste dat ik in elf jaar coachen met Arriba heb bereikt. Ik stap er op mijn hoogtepunt uit, dat voelt goed. Overigens laat ik ze nog niet helemaal gaan. Ik zal ongetwijfeld hun vooruitgang en wedstrijdscores digitaal bijhouden. Misschien kom ik zelfs nog wel eens langs bij een wedstrijd. Ik blijf voor ze duimen in deze competitie.’

Wat moet je opvolger in huis hebben?

‘Hij moet begrijpen dat het om studenten gaat. Ze komen niet louter voor basketbal, er is meer voor hen. Ga ook eens als coach dat studentenleven ervaren, laat je meesleuren naar een studentenfeest en bind met ze. Wat ook erg belangrijk is, is dat je de jongens laat meedenken over de tactiek en zaken daaromtrent. In het begin nam ik vrijwel volledig zelf de regie, de laatste jaren heb ik het team meer betrokken bij de besluitvormingen. Wat je daarvoor terugkrijgt, is moraal in het veld.’

Hoe reageerde het team op je vertrek?

‘Zeer gelaten, ze hebben het zonder al te veel emotie aangehoord en aangenomen. Het leuke is dat ze na de wedstrijd aangaven een farewell-party te gaan organiseren. Wat dat inhoudt, weet ik niet, daar willen ze niets over zeggen. Wel adviseren ze me de volgende ochtend vrij te houden.’

Je noemde het team in een interview met de Tubantia het beste team dat je ooit hebt mogen coachen. Waar zit dat ‘m in?

‘Dat is in de eerste plaats natuurlijk gebaseerd op de stand in de ranglijst. Ik heb binnen elk van mijn teams veel niveauverschil gezien. Het mooie aan deze groep is dat het verschil beperkt is, de vaardigheden van mijn spelers liggen dicht bij elkaar. De balans tussen ‘brengers’ (spelers die de bal naar voren brengen) en ‘schieters’ (spelers die de schoten nemen) is ook gunstig. Daarnaast hebben we een speler van ruim 2,10 meter.

Hoe zou je de speelstijl van dit team omschrijven?

‘Ga je te ver weg staan, dan schieten we. Kom je te dichtbij, dan racen we langs je heen.’

Voor wie maakt het Arriba-team plaats?

‘Ik heb een baan aangenomen bij het ROC van Twente. Ik word teammanager van twee groepen docenten. De één in Enschede, van de opleiding sport en bewegen. De ander in Almelo, van de opleidingen medewerker facilitaire dienstverlening en pedagogisch werk. Dat houdt in dat ik straks twee opleidingen in goede banen leid. Mijn geschiedenis als coach zal hier zeker overlap mee hebben, ik ben een echte teamspeler.’