‘Soms vind ik het best lullig voor de eerstejaars’

| Jelle Posthuma

Het fysieke deel van de Kick-In ging vandaag van start op de campus. Met tijdsloten en triages werd niets aan het toeval overgelaten. ‘Als de studenten even de regels vergeten, wijzen wij ze erop. Al spelen we natuurlijk geen politieagentje.’

Photo by: Frans Nikkels
Rector Thom Palstra maakt een praatje met de nieuwe lichting studenten bij de ingang van de UT.

Vlak bij de ingang van de campus, achter de levensgrote UT-letters, zitten de eerstejaars studenten netjes in kringetjes bij elkaar. Iedere doegroep blijft in haar eigen vak, afgebakend door een witte kalklijn. Ze wachten op hun ‘triage’. Bij iedere deelnemer wordt een lijstje coronavragen afgewerkt. Zijn ze bijvoorbeeld positief getest? Of hebben ze een van de coronakenmerken?

Coördinator Wouter Kobes, herkenbaar aan zijn gele aanvoerdersband, kijkt tevreden toe. ‘Studenten weten dat ze zelf ook een verantwoordelijkheid hebben om deze Kick-In goed te laten verlopen. De bereidwilligheid van studenten is groot. En als ze de regels even vergeten, dan wijzen wij ze erop. Al gaan we natuurlijk geen politieagentje spelen.’

Chillen op Discord

Ook bij de Harrie’s, een doegroepje met Computer Science-studenten, kennen ze de regels. Netjes en op anderhalve meter lopen de studenten achter hun gids aan. Ze krijgen vandaag een rondleiding over de campus, de zogeheten ‘campustour’. Op verschillende locaties horen ze van hun gids een ‘fun fact’ over de UT, terwijl ze door hun doegroepouders regelmatig op de anderhalve meter worden gewezen.

Een van de ouders is Max Jeltes. Volgens hem zitten er voor- en nadelen aan de ‘nieuwe’ Kick-In. ‘De basis van de introductieweek blijft hetzelfde: we willen de nieuwe studenten wegwijs maken in het Enschedese studentenleven. Aan ons de uitdaging om dat binnen de regels zo goed mogelijk in te vullen. Ik vind het soms best lullig voor de eerstejaars. Neem de online filmpjes. Ze zien allemaal beelden van vorig jaar, van feesten en massale bijeenkomsten, terwijl dat dit jaar allemaal niet kan.’

Er rijdt een karretje van de organisatie langs. ‘Remember: 1.5 metres distance!’, schalt het op repeat door de speakers. ‘Wij houden ons vrij strikt aan de regels’, vervolgt Jeltes. ‘Dat betekent geen alcohol en afstand houden, ook buiten het officiële programma. Gisteravond hebben we de hele avond gechild op Discord, een online chatprogramma. Ik denk dat we met Computer Science-studenten ook wel in het voordeel zijn. Ik bedoel: wij houden allemaal van ons keyboard. Online is voor ons niet zo’n groot probleem.’

Achterin het groepje lopen Joris Bosman en Casper Sikkens. De twee nieuwe studenten lijken elkaar gevonden te hebben. Ze maken zich weinig zorgen over het komende collegejaar. ‘Ik heb vooral zin in dit nieuwe studiejaar’, stelt Joris. Dat er geen feesten zijn tijdens deze Kick-In, deert de studenten weinig. ‘Ik ben niet zo’n feestbeest. Op m’n schoolfeest hield ik het vijf minuten uit. Veel te warm. En de muziek staat altijd te hard. Eigenlijk vind ik het wel prima zo.’ Casper vult aan: ‘Maar het is fijn dat het fysieke gedeelte doorgaat. Da’s toch wel belangrijk.’

Anderhalve meter

Verderop klinkt geschreeuw. Bij de workshop van roeivereniging Euros mogen de eerstejaars zich uitleven op de ergometer. Euros-lid Remco van de Pas moedigt de kiddo’s brullend aan. ‘Ja, die anderhalve meter is nog wel lastig bij het aanmoedigen. Dat komt ook door m’n enthousiasme. Maar natuurlijk houd ik er wel rekening mee. We blijven voorzichtig. Zo worden de ergometers netjes na elke sessie gedesinfecteerd. Ik ben trouwens ook een beetje aan het scouten. Vooral de grote gasten houd ik in de gaten. Zij hebben vaak potentie voor het roeien.’

Een van die grote gasten, aankomend psychologiestudent Daan de Kuyper, staat verderop uit te hijgen. Hij heeft z’n eerste Kick-In-feestje er al op zitten. ‘Gisteravond zaten we bij iemand thuis, totdat de politie werd gebeld vanwege de geluidsoverlast. Toen zijn we naar het park verhuisd. Ik moet toegeven: de anderhalve meter is knap lastig bij zo’n huisfeest.’

Het blijft een kwestie van eigen verantwoordelijkheid: het naleven van de coronaregels. Maar op de campus gaat alles volgens het boekje. Oké, soms is de anderhalve meter misschien één meter, maar wat dat betreft loop je in de plaatselijke supermarkt een groter gevaar. En mocht een van de kiddo’s de regels even vergeten, dan is er altijd wel een doegroepouder of een speaker die ze aan de strikte regels herinnert: ‘Remember: 1.5 metres distance!’