Oud-coureur Jan Lammers: ‘Ik ben een grote mazzelaar’

| Christian Orriëns

KIVI Students Twente was gisteren gastheer van het symposium ‘Showcasing an Official Formula 1 Car’, in de Waaier. Buiten stond een formule 1-auto, binnen ging het over de marketingkant van de racesport, de technische details van de auto’s en vertelde oud-coureur Jan Lammers over zijn persoonlijke ervaringen.

Op het O&O-plein stond gisteren een formule 1-auto.

Voormalig coureur Jan Lammers vertelde zijn verhaal zonder visuele presentatie, maar boeide het publiek met een persoonlijk verhaal en anekdotes. Lammers: ‘Ik zou mezelf omschrijven als grote mazzelaar. Ik was slechts de bestuurder van een veel groter team dat verantwoordelijk was voor de prestatie. Dit klinkt misschien als een sportcliché, maar je wint de bekende autorace Le Mans nu eenmaal niet in je eentje. Ronaldo en Messi zouden ook niet zo groot zijn zonder de spelers en staf om hen heen. Het is zelfs zo dat het als individu juist gemakkelijk is om binnen een team destructief bezig te zijn. Een formule 1-team van tweehonderd man sterk kan alles hebben gedaan voor en tijdens de wedstrijd, maar jij als coureur kunt alsnog de auto in de grindbak parkeren.’

Rugzak van tien kilo

Over enkele technologische ontwikkelingen was Lammers niet helemaal te spreken. ‘Neem nu het Drag Reduction System, DRS. Dat systeem is bedoeld om inhaalacties te bevorderen en maakt de race spectaculairder. Het is een belachelijk systeem dat ervoor zorgt dat een goede coureur gestraft wordt voor goed racen. Je kunt het vergelijken met het geven van een rugzak van tien kilo aan de marathonloper die vooroploopt. Aan de andere kant van het verhaal heb je de Virtual Safetycar. Bij een gevaarlijke situatie kunnen we deze tegenwoordig gebruiken waardoor voorsprongen bewaard blijven. Dit vind ik ook niet echt racen, het haalt de spanning weg. Sport is entertainment, de onvoorspelbaarheid maakt het leuk en zorgt voor de nodige spanning. Een herstart van een race is enorm leuk, juist vanwege de spanning.’

Mazzelaar

Terugkijkend op zijn ervaringen als formule 1-coureur, vertelde Lammers vooral over veranderende tijden. ‘Ik begon pas met racen toen ik zestien jaar oud was. Max verstappen was op die leeftijd al een veteraan. Het was vroeger ook een emotionele tijd, en er was altijd een echte onderliggende angst bij familie en vrienden of de coureurs het zouden overleven. Toen ik in 1978 mijn eerste contract tekende op het circuit van Monza, werd me na de bespreking gevraagd of we naar de race zouden gaan kijken. Mijn eerste ervaring als nieuwbakken F1-coureur, was toeschouwer zijn bij de start van de Grand Prix van Italië. Ronnie Peterson uit Zweden raakte daar betrokken bij een zware massacrash. Zijn fatale ongeluk voltrok zich voor mijn ogen.’

Lammers eindigde zijn verhaal op een positieve noot. ‘Ik prijs mezelf als mazzelaar in de zin dat ik zoveel heb mogen doen en meemaken in de racesport. Het is een enorme eer en ik voel mezelf weleens tweehonderd jaar oud, zoveel heb ik al meegemaakt. Veel mensen vragen me of ik niet meer prijzen had willen winnen. Om eerlijk te zijn weet ik niet eens waar ik de trofee van Le Mans heb. De finishlijn is het kortste gedeelte van de racebaan. Als je voor de finish leeft, is je leven heel erg kort.’