Betere Tijden

‘Onderschatting was onze succesformule’

| Jelle Posthuma

Soms doet het heden terugverlangen naar het verleden. Daarom duikt U-Today in haar eigen archiefkast, op zoek naar bijzondere voetnoten in de geschiedenis van de UT. Vandaag de laatste (extra lange) aflevering van onze rubriek Betere Tijden. Over 1995, het jaar dat roeivereniging Euros de Varsity won.

De Helden van Houten, zo werd de winnende Oude Vier in het UT-Nieuws van 27 april 1995 genoemd. De Varsity is namelijk niet zomaar een wedstrijd. Het is dé krachtmeting tussen studentensteden op het onstuimige water van het Amsterdam-Rijnkanaal bij Houten. Van oudsher is de roeiwedstrijd een corporaal feestje waar ‘knorren’, zoals niet-corpsleden te boek staan, slechts worden gedoogd.

Hoe bijzonder was het dus dat Niels van Steenis, Joris Loefs, Arne van Eupen, George van Iwaarden, stuurman Jeroen Webers en coach Rutger Röell in 1995 voor knorrenvereniging Euros de titel in de wacht sleepten. Zeg maar gerust uniek. Het was de eerste en voorlopig laatste keer dat Euros het kunstje wist te flikken.

'We hebben een beetje gecheat, maar dat werd ons vergeven'

Nu, ruim vijfentwintig jaar later, halen Van Steenis en Loefs herinnering op. ‘Sportief moet je het in perspectief zien’, stelt Van Steenis. ‘De Varsity is folklore. Vergelijk het met de Elfstedentocht, al doe ik de winnaars van de schaatstocht hiermee te kort. Wij trainden in die tijd voor wereldkampioenschappen of de Olympische Spelen, niet voor de Varsity.’

Hun nuchtere blik is begrijpelijk. Loefs werd verschillende keren nationaal kampioen in de skiff en Van Steenis had deel aan de gouden race van de Holland Acht in 1996. Daarbij vergeleken is zelfs de Varsity een bescheiden prijs. ‘Maar toch: naarmate ik ouder word, lijkt het winnen van de Varsity steeds belangrijker’, vertelt Loefs. ‘Het gaat uiteindelijk om het verhaal. En de Varsity staat bol van de goede verhalen.’

Foto (v.l.n.r.): Niels van Steenis, Jeroen Webers, Arne van Eupen, George van Iwaarden en Joris Loefs

Underdog

Ook de editie van 1995 kent een bijzondere geschiedenis. Over de luttele week voorbereiding, over de uit de hand gelopen kroegjool en over het vermeende ‘valsspelen’. ‘We hebben inderdaad een beetje gecheat’, geeft Van Steenis toe. ‘Dat zit zo. George van Iwaarden, waarmee ik roeide in de Holland Acht, trainde regelmatig met ons mee bij Euros. Hij studeerde eigenlijk in Amsterdam en volgde geloof ik één vak aan de UT. Echt UT-student kon je hem niet noemen. Maar hij was het die voorstelde om met Euros een Oude Vier te formeren.’

Geduchte tegenstander was Nereus uit Amsterdam. ‘Drie van hun roeiers deden in 1994 mee aan het WK. We wisten dat we hard moesten trainen om ze te verslaan.’ Zo geschiedde. Een week lang trainen de mannen van de Oude Vier monomaan op het Twentekanaal. Eigenlijk veel te kort. ‘Maar vanaf dag één klikte het’, weet Van Steenis. ‘Onze roeistijl paste bij elkaar. Dat heb je soms.’ Ook de underdogpositie ten opzichte van Nereus was comfortabel, vertelt Loefs. ‘We trainden ontzettend serieus, maar ook redelijk onbevangen.’

'De Grolsch-medewerker zei: zoveel kan er niet gedronken zijn, dit kan niet kloppen'

Ondertussen begint het te gonzen in Enschede. In de wandelgangen wordt gefluisterd dat Euros de Varsity wel eens zou kunnen winnen. De race gaat leven onder studerend Enschede. Tegenstanders bekladden het boothuis met de tekst ‘knorren stay home’. De Euroïden reizen in april dan ook massaal af naar het Amsterdam-Rijnkanaal, om de Oude Vier aan te moedigen én om deel te nemen aan de folklore aan de kant. Want op de wal is tijdens de Varsity doorgaans meer te zien dan op het water. Met strooien hoedjes en wandelstokken flaneert het publiek over de kade. Het zijn tradities zoals je die normaal gesproken alleen ziet bij Britse wedstrijden als The Boat Race en de Henley Royal Regatta.

Foto (Arjan Reef): folklore op de kade - Varsity editie 2018

Hol van de leeuw

Pas bij het koningsnummer, de Oude Vier, richt iedereen zijn aandacht op het water. Wie is het snelst over drie kilometer? Wie vergaart er eeuwige roem? ‘Onze start was meteen goed’, weet van Steenis. 'Precies volgens plan. We wilden de concurrentie zenuwachtig krijgen. We wisten in de bocht naar binnen te trekken, om vervolgens onze ideale koers te kiezen.’

‘De Varsity is als een hardloopwedstrijd op een knollenveld’, stelt Loefs. ‘Het is moeilijk water met veel deining. Toch ging het ons gemakkelijk af en kwamen we in een mooi ritme. Het eerste deel van de race beleefde ik als een sprint. Toen we vervolgens aan kop lagen, konden we de race redelijk controleren. Heel verrassend. Ik dacht steeds: nu zullen ze wel gaan aanvallen. Maar de echte aanval bleef uit.’

Na drie kilometer afzien komt de boot van Euros als eerste over de streep. Geheel volgens traditie springen de Euroïden langs de kant (op das na) zonder kleren in het water. De ontzetting bij Nereus is groot. De supporters van het Amsterdamse corps waren vooraf zeker van hun zaak. De knorren uit Enschede hadden geen schijn van kans in het hol van de leeuw.

'De jaren negentig waren de gouden jaren van Euros'

‘Deze onderschatting is onze succesformule geweest’, meent Steenis. ‘De Amsterdammers hadden het Olympisch Stadion al geboekt voor de kroegjool. Hun fietsen stonden klaar bij het stadion voor de terugreis. Door ons ging dat feestje mooi niet door. Een flinke deceptie voor Nereus. Toch gunden de meesten het ons wel, hoor. Wij waren de underdogs. Zelfs het beetje cheaten met George van Iwaarden werd ons vergeven.’

Groots was het feest na afloop. De winnende vereniging organiseert traditiegetrouw de kroegjool, een drankgelag voor de leden van alle roeiverenigingen. Veel weten Van Steenis en Loefs niet meer van die avond. ‘Wel hoorde ik na afloop dat Grolsch met de bierrekening naar het CvB kwam. De Grolsch-medewerker zei: zoveel kan er niet gedronken zijn, dit kan niet kloppen. Waarop het CvB antwoordde: ga er maar vanuit dat het klopt.’

Nog een keer?

En, wat denken Loefs en Van Steenis: gaat Euros deze stunt ooit herhalen? ‘Het is nooit onmogelijk’, grinnikt Loefs. Maar zijn bedenkelijke blik zegt genoeg. ‘De jaren negentig waren de gouden jaren van Euros. Er was een groepje roeiers met uitzonderlijk veel wedstrijdervaring. Dat komt niet vaak voor. En vergeet vooral onze coach Rutger Röell niet, een begrip in de Nederlandse roeiwereld. We noemden hem niet voor niets de magiër. Of je zo’n club ooit weer bij elkaar krijgt… Ik weet het niet.’

Wat rest is de herinnering aan ‘95. Loefs mist het nog regelmatig. ‘Misschien word ik een ouwe lul, maar het gevoel van samen in een bubbel naar iets toewerken, is uniek. Je raakt – om in managementtermen te spreken – in een totale flow. Ik heb het in mijn ‘normale leven’ nooit meer meegemaakt. Zo’n gevoel van enorme verbondenheid, dat kun je volgens mij alleen in een roeiboot ervaren.’