Blog: Een lichte voorkeur voor mannelijk leiderschap

| Wiendelt Steenbergen

Wiendelt Steenbergen, hoogleraar Biomedical Photonic Imaging, blogt over de test 'diversityproof selecteren' die alle benoemingsadviescommissies op de UT voor hun kiezen krijgen. De grote vraag: is zo'n test onzin of niet?

Photo by: Gijs van Ouwerkerk

Alle benoemingsadviescommissies aan onze universiteit doorlopen de leergang ‘Diversityproof selecteren’. Ook de benoemingsadviescommissies voor de Hypatia-leerstoelen, om de kans te verkleinen dat we zelfs bij uitsluitend vrouwelijke kandidaten nog een man selecteren. De term diversityproof is trouwens verwarrend. Het probleem lijkt me juist dat onze selectieprocedures diversityproof zíjn, zoals mijn horloge waterproof is. Afgezien van de naam is het een prima cursus, vooral het gedeelte waarin acteurs ons confronteren met de manier waarop we kandidaten observeren, beoordelen en behandelen.

Ergens tussen Hitler en Jezus

Als voorbereiding op de leergang doen alle deelnemers de online mindbugs-test. Een mindbug - de sociale psychologie heeft het over een implicit association - is een onbewust vooroordeel, bijvoorbeeld een onbewuste voorkeur voor een man als leider. De hypothese is dat we allemaal zulke mindbugs hebben, en de test laat ons dat zien. Dat ik onbewuste vooroordelen heb geloof ik graag, ook zonder die test. Om maar eens een nieuw kwadrant te introduceren: op de schaal van bevooroordeeldheid zitten de meesten van ons ergens halverwege Adolf Hitler en Jezus van Nazareth, tussen bewust extreem bevooroordeeld en onbewust compleet onbevooroordeeld.

Harvard!

De uitnodigingsmail vermeldt dat de mindbugs-test is gebaseerd op de Implicit Association Test. “Ontwikkeld door Harvard-psychologen”, wordt erbij gezegd. Ook de rapportage die de resultaten van mijn test bespreekt,  heeft als refrein: “ … de Harvard IAT test (ontwikkeld door Harvard Psychologen Greenwald et al, 1998)… ”. Harvard! Dan moet het wel goed zijn. Van de drie auteurs van Greenwald et al (1998) is er één weliswaar ooit aan Harvard gepromoveerd, maar ze hebben de IAT-test ruim 30 jaar later aan de universiteit van Washington (Seattle) ontwikkeld.

De test

De test peilt eerst mijn mening over leiderschap: ik mag uit een lijstje leiderschapsstijlen er drie noemen die ons de meeste kans geven om de toekomst aan te kunnen. Daarna krijg ik een reeks plaatjes te zien: bijvoorbeeld een foto van een man, en ik moet dan uit de woorden ‘man’, ‘leider, ‘vrouw’ en ‘volger’ de goede kiezen. Ik kies dan ‘man’, want ik zie een man: tot zover geen probleem.  In de volgende reeks plaatjes staat in het midden een functie als ‘directeur’, ‘manager’, ‘helper’ of ‘assistent’, en ik moet dan kiezen of het gaat om een ‘leider’ of een ‘volger’. Ook dit is nog goed te doen. Maar dan wordt het lastig: er volgt een reeks plaatjes met daarop in het midden weer een functie, en in de hoeken ‘man’, ‘vrouw’, ‘leider’ en ‘volger’, telkens in een andere volgorde, en ik moet een keus maken waarbij op mijn reactietijd wordt gelet: hoe sneller hoe beter.

Mijn ontmaskering

Mijn hart bonst in mijn keel als ik mijn persoonlijke uitslag open. Eerst het goede nieuws: de leiderschapsstijlen die ik belangrijk vind, zijn nou juist de leiderschapsstijlen die vrouwen iets meer bezitten dan mannen: inspirerend, gericht zijn op participerende besluitvorming en dat soort zaken. Maar dan de ontmaskering: onbewust heb ik toch voorkeur voor mannelijk leiderschap. Een lichte voorkeur, maar toch. Verdórie, ik had nog zo mijn best gedaan de test goed in te vullen. En de test had me duidelijk gezegd waar precies naar werd gezocht: mijn onbewuste vooroordeel rond leiderschap in relatie tot mannen en vrouwen. Je kan je afvragen of het daar niet mis gaat. Als de proefpersonen in het beruchte Milgram-experiment (over vatbaarheid voor autoriteit) ook zo netjes waren geïnformeerd over het doel, dan waren de uitkomsten daarvan waarschijnlijk heel anders geweest.

Onzin

Is het dan allemaal onzin, die Mindbugs-test? Ik zou dit product van de sociale psychologie zo niet durven weg te zetten. In een gecontroleerde omgeving, met zorgvuldig geïnformeerde proefpersonen, kan een dergelijke test opzienbarende resultaten opleveren. Dat is vrij geniaal, want in de sociale psychologie is het veel lastiger dan in de natuurwetenschappen om een objectieve meting te doen die nieuwe kennis oplevert. Maar gaat het niet mis als je zo’n test commercieel aanbiedt als een snel meetapparaatje dat even tussen de bedrijven door ons innerlijk sondeert? Als ijsbrekertje om de cursus enigszins luchtig te laten beginnen lijkt het me prima, maar als meetinstrument van mijn onbewuste is het op deze manier nauwelijks serieus te nemen. Presentatie van bewijs dat veel besluitvormers binnen organisaties als de onze leiderschap met mannelijkheid associëren, op basis van een degelijk uitgevoerde test, zou wat mij betreft voldoende zijn. Maar ja, daar valt geen geld mee te verdienen.