‘Als ware Romeinen namen we goede tradities van elkaar over’

| Jelle Posthuma

In ‘Terug naar het jaar…’ laten we vervlogen campustijden herleven aan de hand van opmerkelijke verhalen. In deze elfde editie blikken drie senatoren terug op de fusie van Cheiron en Rossinant tot studentenvereniging Audentis in 1996. ‘Onze leden bezaten hetzelfde DNA.’

Foto: Audentis bij de openingsmarkt van de Kick-In in 2017.

Audentis viert dit jaar haar achtste lustrum, maar werd pas in 1996 opgericht. Wie een verklaring zoekt voor deze paradox, moet een blik werpen op de stamboom van de studentenvereniging. Audentis is namelijk een fusievereniging van DSC Cheiron en DJC Rossinant. De eerste werd al in 1981 opgericht, de tweede in 1991. Uiteraard kiezen studenten voor de langste geschiedenis, en dus viert Audentis dit jaar haar veertigste verjaardag (één jaar later vanwege corona). Dan rest de vraag, hoe werden de twee verenigingen, Cheiron en Rossinant, één club?

Dat de twee gezelligheidsverenigingen in 1996 samensmelten tot Audentis, is niet vanzelfsprekend. Er waren wel degelijk verschillen tussen Cheiron en Rossinant, vertelt Edward Ammerlaan, oud-preses van Cheiron. Hij was nauw betrokken bij de fusie in de jaren negentig. ‘Er was om te beginnen een verschil in naam: Drienerloos Studenten Corps Cheiron versus Drienerloos Jaarclub Convent Rossinant. Bij Cheiron werden studenten individueel lid, bij Rossinant ging het om jaarclubs. Cheiron was ook een stuk corporaler dan Rossinant. Wij hadden een eigen sociëteit aan de Walstraat en identificeerden ons met de traditionele corpora in Nederland. Ik denk dat Cheiron een wat ‘rijkere’ cultuur bezat met meer tradities, maar daarmee bedoel ik absoluut niet een ‘betere’ cultuur.’ Ook Peter Hoijtink, oud-preses van Rossinant, zag de verschillen. ‘Cheiron was een tikkeltje extremer dan Rossinant. De ontgroening van Cheiron was ook wat zwaarder, al ben ik daar zelf natuurlijk niet bij geweest. Toch begonnen de twee verenigingen steeds meer naar elkaar toe te groeien. Veel actieve leden waren met elkaar bevriend. Je komt elkaar tegen in een kleine studentenstad als Enschede.’

Hoijtink en Ammerlaan benadrukken vooral de overeenkomsten tussen de verenigingen. ‘We bezaten hetzelfde DNA, onze leden vonden dezelfde dingen leuk’, zegt Ammerlaan. ‘Veel leden van Rossinant en Cheiron woonden in hetzelfde studentenhuis, zagen elkaar bij de hockeyclub of studentencafé 't Gat in de Markt.’ Dat beaamt Véronique Joosten, oud-preses van Cheiron. ‘Daardoor visten we ook ieder jaar uit dezelfde vijver voor nieuwe leden. We kwamen tot de conclusie dat we onze krachten beter konden bundelen, om voor de toekomst één grote levensvatbare vereniging te creëren. Zo’n fusie gebeurde natuurlijk niet van de één op de andere dag. Het is in stappen gegaan. Zowel Cheiron als Rossinant vroegen eerst om toestemming bij haar leden en gingen langs bij oud-besturen voor ruggespraak.’

'Als we dan toch gingen fuseren, konden we meteen beslag leggen op de mooiste locatie van de Pakkerij'

Pakkerij

Op de achtergrond speelde het plan van de universiteit om een studentensociëteit te realiseren in de Enschedese binnenstad. Met name toenmalig CvB-voorzitter Ben Veltman was een warm pleitbezorger van zo’n studentenpand in het centrum. Uiteindelijk kwam de Oude Markt 24 in beeld, het voormalig bedrijfspand van Polaroid. De UT wist het pand te bemachtigen en al snel volgde de verbouwing tot een studentensociëteit, waarin alle grote gezelligheidsverenigingen van Enschede onderdak moesten vinden.

Maar wie krijgt welke verdieping? In het UT-Nieuws (de voorloper van U-Today) van december 1994 valt te lezen dat Taste, die andere grote studentenvereniging in Enschede, de fusieplannen van Cheiron en Rossinant ziet als een strategische zet om samen de meest gunstig gelegen ruimte te bemachtigen in de nieuwe Pakkerij. Maar volgens Ammerlaan was er juist twijfel bij Cheiron over het nieuwe pand, omdat de leden zelf een sociëteit in de binnenstad bezaten. ‘Dat was onze trots. We waren heerlijk aan het afbetalen en konden volledig onze eigen toekomstplannen bepalen.’

Toch waren er genoeg nadelen, zoals klagende buren vanwege geluidsoverlast. Uiteindelijk komen de studenten van Cheiron tot de conclusie dat de Pakkerij de beste optie is. Volgens Ammerlaan en Joosten waren er al plannen voor een fusie ver voordat de verhuizing naar de Pakkerij in beeld kwam. Maar het nieuwe pand in het centrum van Enschede zorgde misschien wel voor een laatste zetje. ‘Als we dan toch gingen fuseren, konden we meteen beslag leggen op de mooiste locatie van de Pakkerij’, vertelt Ammerlaan. ‘Dat was ook niet gek, want wij werden de grootste vereniging.’ Joosten: ‘We hebben Veltman ook ingelicht over onze fusieplannen, zodat daar bij de invulling van de Pakkerij rekening mee werd gehouden.’

Hoijtink noemt de Pakkerijplannen een mooie bijkomstigheid. ‘Het gaf ons de kans om onder één vlag opnieuw te beginnen. Bij het verdelen van de etages in de Pakkerij concurreerden Cheiron en Rossinant met de andere drie studentenverenigingen, maar ook met elkaar. Als de fusie niet zou doorgaan, wilden beide verenigingen vanzelfsprekend de beste etage. Uiteindelijk kregen we de bovenste twee verdiepingen toebedeeld. We wisten toen al dat we de verdiepingen konden doorbreken tot één grote etage met vide, dat was gelijk het idee.’

Foto: studentensociëteit De Pakkerij. 

Romeinen

Na een enquête onder leden in 1995 bleek er voldoende draagvlak voor de fusie. ‘Beide verenigingen organiseerden op dezelfde dag een ALV’, weet Hoijtink. ‘Voorafgaand hadden we alles goed voorbereid, om iedereen mee te krijgen. Uiteindelijk werd bij zowel Cheiron als Rossinant massaal vóór de fusie gestemd.’ Daarmee was Audentis op 31 maart 1996 een feit. Om te bepalen wiens afkorting vooraan kwam te staan in de nieuwe naam, DSC Cheiron of DJC Rossinant, werd er door een eerstejaars een speciale munt opgeworpen. Het verhaal gaat dat studenten van Cheiron de munt aan één kant wat zwaarder hadden gemaakt, waardoor de kant van Cheiron altijd bovenop kwam te liggen. ‘Mythes maken het verhaal mooier’, reageert Ammerlaan. ‘Maar als dat waar zou zijn, dan hebben we het goed gedaan. Onze kant kwam inderdaad bovenop te liggen. Ik heb de munt nog steeds in mijn bezit. Ik zal het nog eens nawegen, haha.’

'Audentis is een serieuze partij geworden. Feitelijk is er nog maar één echte studentenvereniging in Enschede'

Het smeden van één vereniging gaat uiteindelijk om het samenbrengen van twee werelden, vervolgt Ammerlaan. Hij leidde als preses ‘met kleine letters’ een eerste interimsenaat van Audentis, totdat de eerste echte senaat werd gevormd. ‘We keken vooraf goed welke tradities we zouden overnemen en welke niet. Precies zoals de Romeinen dat deden in veroverde gebieden. De gebruiken en tradities werden als het ware in elkaar geschoven.’ Over mogelijke tegenwerking kan Ammerlaan zich weinig herinneren. ‘Hoewel, er was een soort digitaal forum voor Cheiron-leden. Daar werd door wat oud-leden afgegeven op de fusie, maar dat was dan ook de enige wanklank.’ Ook Joosten kan zich weinig tegenwerking herinneren. ‘Er zijn altijd gemengde gevoelens, maar iedereen zag wel in dat we naar de toekomst moesten kijken.

Volgens Joosten is de fusie een succes gebleken. ‘Als je kijkt hoe groot Audentis is geworden, dan is de fusie zeker geslaagd.’ Dat beaamt Hoijtink. ‘Daarvoor was het allemaal erg gefragmenteerd in Enschede. Audentis is een serieuze partij geworden. Feitelijk is er nog maar één echte studentenvereniging in Enschede.’ Ook Ammerlaan noemt de fusie een ‘verstandige keuze’. ‘De meeste Cheironezen zullen zich heel goed herkennen in het huidige Audentis. Maar toch, mijn hart ligt nog altijd een beetje bij Cheiron.’