Spotlight

En hoe vond je het, studeren aan de UT?

| Stan Waning

Aan de UT studeren meer dan tachtig verschillende nationaliteiten. Die smeltkroes op de campus levert talrijke verhalen, tegenstellingen en connecties op. Hoe kijken drie internationals, die op punt van afstuderen staan, terug op hun periode in Nederland?

Praveen Kumar uit India, Charlie Chrie uit Denemarken en Dilafruz Yusifzada uit Azerbeidzjan herinneren zich de eerste kennismaking met de UT nog als de dag van gisteren.


Wie: Praveen Kumar (25)

  • Haalde eind 2020 zijn master in System & Control (EEMCS)
  • Woont: drieënhalf jaar in Nederland
  • Komt uit: Chennai (Britse naam Madras), de vierde stad van India met ruim 4 miljoen inwoners

Hoe bevalt de tijd in Nederland?

‘Ik heb het gevoel dat ik van een jongen in een man ben veranderd. In het begin was het lastig omschakelen, maar dat was van korte duur. De professoren zijn hier vriendelijk. Het bevalt me dat er geen hiërarchie is. Hier kun je het kantoor binnenlopen van een professor zonder afspraak. In India is dat geen optie. En lunchen met een professor is al helemaal niet mogelijk.’

Hoe was het om aan te passen op de campus?

‘De Kick-in heeft me enorm geholpen. Het was really fun en ik maakte al snel internationale vrienden. Ik vond het lastig om een balans te vinden tussen de studie en het sociale gedeelte. Ik heb anderhalf jaar op de campus gewoond en woon nu een jaar in Enschede-Noord. De rust op straat vind ik fijn. Binnen een paar minuten wandel of fiets ik tussen de boerderijen en weilanden.’

Wat zijn de grootste verschillen tussen het leven hier en het leven in Chennai?

‘Iedereen groet elkaar op straat. Heel bijzonder in het begin, maar ik waardeer het. Ook weet ik wie hier mijn buren zijn en ik weet hoe het met hen gaat. Culinair is het lastig. In het eten zitten geen kruiden en het Nederlandse lunchen blijft wennen. Een of twee keer in de week lukt het me om Nederlands te lunchen. In India lunch je warm en uitgebreid, met soep, rijst en masala. Hier is het haastig en koud.’

Kan de Indiase cultuur iets leren van de Nederlandse? En vice versa?

‘In India is men terughoudend. Nederlanders zijn eerlijk op een directe -soms zelfs brutale- manier. Ik denk dat je door de directe wijze van communiceren misverstanden voorkomt en dingen niet verkeerd interpreteert. Aan de andere kant staat India bekend om de oude medische technieken en filosofieën. Die zijn in de moderne tijd nog steeds relevant. Lang niet al die technieken zijn wetenschappelijk bewezen, maar het staat vast dat yoga en meditatie helpen tegen angst, stress en chronische ziekten. In Nederland zijn er steeds meer yogacentra, maar het zou voor kinderen ook goed zijn. In onderwijs is er geen aandacht voor.’

Is de coronatijd lastig voor je?

‘Het was vooral lastig, omdat ik middenin een verhuizing zat tijdens de eerste lockdown. Ik kon moeilijk hulp vinden bij het verhuizen. Daarnaast gingen mijn thesis en courses gewoon door. Gelukkig had ik een aardige huisbaas en een aardige supervisor, die me extra tijd gunden. Verder was het goed te doen. Mijn familie en vrienden in India zitten in een harde lockdown, maar zolang ik weet dat ze gezond zijn is het goed.’

Hoe is je studie bevallen?

‘Uitstekend. Ik heb het zelfvertrouwen dat ik weet hoe ik mijn kennis kan implementeren. Ik zoek een PhD in Europa, met een voorkeur voor Nederland. Mijn ambitie is om met mijn kennis daarna terug te gaan naar Tamil Nadu (deelstaat in het zuiden van India) en om medische voorzieningen goedkoper te maken. Nu kunnen alleen mensen met geld daar gebruik van maken. Ik denk dat ik veel kan betekenen.’

Heeft de UT een grote rol gespeeld in je ontwikkeling?

‘Ik ben blij met wat de UT mij heeft gegeven. Het enige minpuntje, is dat ik mijn thesis verplicht op de campus moest uitvoeren. In Delft of Eindhoven ben je vrijer om je thesis zelf vorm te geven.’


Wie: Charlie Chrie (24)

  • Rondt binnen enkele maanden zijn studie Psychologie (BMS) af
  • Woont: drieënhalf jaar in Nederland (Hengelo en Enschede)
  • Komt uit: de Deense hoofdstad Kopenhagen (630.000 inwoners)

Hoe bevalt je studie?

‘Ik richt me op dit moment op positieve therapeutische psychologie. Om het kort uit te leggen: iemand is depressief en dat probeer je doormiddel van positieve instrumenten te verbeteren. Dus je tackelt niet de depressie, maar zorgt ervoor dat het positieve wint van de depressie. Enorm interessant.’

Hoe was het om je aan te passen toen je drieënhalf jaar geleden naar Nederland kwam?

‘De aanpassing in Nederland verliep smooth. Ik hoefde me geen moment druk te maken over mijn nieuwe situatie, omdat de Deense cultuur vergelijkbaar is met de Nederlandse. Het was de eerste keer dat ik op mezelf was. Het wordt daarom bijzonder als ik straks terugkeer naar Denemarken, omdat ik daar nog nooit op mezelf heb gewoond.’

Op welke manier zijn de culturen vergelijkbaar?

‘De infrastructuur, maar ook de manier waarop de samenleving is georganiseerd. Mensen voelen zich vrij en er heerst democratie. Zowel in Denemarken als in Nederland merk je dat overal.’

Zijn er ook verschillen?

‘In Denemarken zijn mensen meer open. Ik merk dat mensen hier dichterbij zichzelf staan. Alleen als er noodzaak is om contact met iemand te maken, dan zijn veel Nederlanders open, maar anders niet.’

Kan de Deense cultuur iets leren van de Nederlandse? En vice versa?

‘In Denemarken zijn er meer ongeschreven regels waar mensen zich aan houden. Noem het morele wetten. Ik stond in Nederland laatst in de rij voor de kassa en iemand schoof zo naar voren aan in de rij. Heel brutaal. Ik zei daar wat van, maar ik was de enige. Zelfs de vrouw die eerst vooraan stond bleef stil. Heel bijzonder. In Denemarken zou iedereen naar voren stappen en de voordringer op de regels wijzen.

Gek genoeg denk ik dat hetzelfde principe precies zo andersom werkt. In Denemarken maken mensen zich soms te druk om de ander. Als je hier in Nederland zegt dat je een bad day hebt, dan begrijpen mensen je en vragen ze niet te veel door. Onder het motto ‘Morgen weer een dag’. In Denemarken vraagt men maar door. Soms kun je iemand beter met rust laten.’

Is de coronatijd lastig voor je?

‘Laten we zeggen dat het er niet gemakkelijker van wordt. Dat zeg ik omdat ik het niet wil overdrijven. Het is bizar dat een crisis als deze nodig is om in te zien hoe extreem belangrijk sociaal contact is. Wat het met je kan doen om even een kort gesprekje met iemand te voeren. Daarnaast werkt sporten als therapie voor mij. Tijdens een kickbokstraining kan ik mijn hoofd leegmaken. Dat is nu niet mogelijk en maakt het lastig.

Je keert snel terug naar Denemarken. Wat ga je met de opgedane kennis en ervaring doen?

‘Hoe mijn toekomst eruit ziet weet ik nog niet. Ik vind de psychologie een interessant vak, waar ik zonder twijfel een toekomst voor mezelf in zie. Maar in welke vorm weet ik nog niet. Ik ben bang dat ik me op termijn te veel opoffer aan de problemen van een ander. De een-op-een-gesprekken vind ik het meest boeiend, maar het is altijd eenrichtingsverkeer. Dat is een aandachtspunt voor mij.’

De psychologie is een onderwerp dat soms in een taboesfeer ligt in Nederland. Is dat in Denemarken ook zo?

‘De Deense overheid doet het geweldig op dat vlak. Het sociale vangnet is sterk. Mensen praten open over hun problemen en er rust totaal geen taboe op. Ik merk dat de situatie in Nederland iets lastiger ligt. Een interessant verschil, zeker omdat de landen op zoveel vlakken vergelijkbaar zijn.’

Wat voor een rol heeft de UT gespeeld in je ontwikkeling?

‘Over het algemeen verricht de UT a good job. Veel dingen zijn perfect geregeld. Voor alles is hulp beschikbaar. Je kunt drie keer vallen, maar de UT helpt je drie keer overeind. Daar ben ik van onder de indruk. De hulp die ik kreeg voelde vaak aan als een ouder die je ondersteunt. Het enige minpuntje dat ik kan bedenken, is dat ik activiteiten heb gemist. De Kick-In was geweldig geregeld, maar dat is alleen in het begin. Zoiets had ik graag vaker gezien.’


Wie: Dilafruz Yusifzada (23)

  • Haalde in januari 2021 haar master Educational Science and Technology (BMS)
  • Woont: tweeënhalf jaar in Nederland
  • Komt uit: de Azerbeidzjaanse hoofdstad Bakoe (2.375.000 inwoners)

Hoe is je studie bevallen?

‘Het was geweldig in Enschede. Ik studeerde met meer dan vijftien verschillende nationaliteiten om me heen. Dat zal me altijd bijblijven. De studie zelf was prima, maar niet top. Ik verwachtte veel praktische programma’s, maar het was vooral theoretisch. Met de professoren heb ik heel fijn gewerkt.’

Had je moeite om je aan te passen in Nederland?

‘Ik moest wennen, maar het voelde niet als een cultuurshock. Dat komt ook omdat ik al ervaring op een zomerschool in Duitsland had. Ik ben bewust alleen naar Nederland gekomen. Ik wilde meemaken hoe ik me zou aanpassen naar de situatie in een ander land. Azerbeidzjan en de hoofdstad Bakoe is deels Europees en deels Aziatisch. De Westerse blik op de wereld die ik hier ervaar is mij niet onbekend.’

Zijn de cultuurverschillen groot tussen Azerbeidzjan en Nederland?

‘Ik moest wennen aan de cuisine hier. Ik was het gewend dat er veel aandacht aan de bereiding wordt besteed. Aan het gebruik van kruiden bijvoorbeeld. Hier eten mensen veel brood als hoofdbestandsdeel van een maaltijd. In mijn cultuur is brood vaak een sidedish. De behulpzaamheid van mensen in Nederland is geweldig. Ik weet nog dat ik in mijn eerste treinreis van Schiphol naar Enschede de conducteur zag en ik pakte haastig mijn treinkaartje, visum en paspoort. Hij kalmeerde me gelijk en heette me welkom in Nederland. Ook op de campus had ik nog geen internet, maar mensen liepen gelijk met me mee naar mijn appartement. Buren hielpen met mijn bagage. Heel fijn.’

Kunnen de culturen iets van elkaar leren?

‘Als je in Nederland om hulp vraagt, dan helpen mensen je. Maar het initiatief ligt altijd bij degene die hulp nodig heeft. Dat komt nooit vanuit de mensen zelf. In Azerbeidzjan help je iemand als je ziet dat diegene hulp nodig heeft. Andersom is men in Azerbeidzjan jaloers op de stiptheid van het openbaar vervoer hier. Als een trein om 13.09 uur moet vertrekken, dan vertrekt de trein om 13.09. Als er vertraging is, dan kun je dat zelfs zien.’

Hoe kom je de coronacrisis door?

‘Ik ben dankbaar, want achteraf bleek dat ik perfect getimed had. Ik had al mijn data binnen in februari. In maart kwam de lockdown en toen was het voor mij vooral schrijven. Soms voelde ik me alleen, omdat mijn vrienden in andere delen van Nederland wonen. Gelukkig kon ik veel contact houden met mijn familie. De situatie in Azerbeidzjan is altijd vergelijkbaar geweest met de situatie hier.’

Kun je met de kennis en ervaring die je hier opdeed een verschil maken in Azerbeidzjan?

‘Ik denk van wel. Ik hoop dat ik leraren les kan geven, maar ik heb nog geen idee wat de toekomst mij gaat brengen. Ik wil eerst meer Europese ervaring opdoen, zodat ik de afgelopen jaren in het juiste perspectief kan plaatsen. Uiteindelijk zou ik graag terugkeren naar Bakoe.’