Europese subsidie voor vier Health-onderzoeken

| Paul de Kuyper

Vier projecten voor gezondheidsonderzoek van UT-wetenschappers krijgen subsidie uit het Europese onderzoeksprogramma Horizon 2020. Het geld gaat bijvoorbeeld naar onderzoek naar betere diagnose van darmkanker en kanker aan de urinewegen.

Photo by: Flickr | Steven Depolo

In de strijd om onderzoeksgeld uit de Health-pot van Horizon 2020, scoorde de UT opvallend goed. Voor deze subsidieronde werden uit heel Europa 340 voorstellen ingediend. De helft viel halverwege al af en uiteindelijk zijn slechts tien projecten beloond met subsidie. Bij vier daarvan zijn dus UT-onderzoekers betrokken.

Bij alle vier de onderzoeken maakt de UT deel uit van een consortium van meerdere Europese universiteiten, onderzoekscentra en bedrijven. De UT is nergens projectleider.

Kanker aan urinewegen

De MESA+-vakgroep Optical Sciences gaat onderzoek doen naar biosensors die de diagnose van kanker aan urinewegen en geslachtsorganen kan verbeteren, vertelt onderzoeker Sonia García Blanco. De sensor moet heel snel in staat zijn om in urine bepaalde biomarkers te detecteren die wijzen op een vroeg stadium of verhoogd risico op kanker.

Voor dit project, met de titel GLAM (Glass Laser Multiplexed Biosensor), is in totaal 4,8 miljoen euro beschikbaar. De UT krijgt ruim acht ton en is betrokken bij het ontwerp en de fabricage van de sensor.

Darmkanker

De MESA+-vakgroep Molecular Nanofabrication richt zich ook op vroege kankerdiagnostiek, maar dan voor darmkanker. Hoogleraar Jurriaan Huskens wil een heel gevoelige optische techniek ontwikkelen waarmee je biomarkers voor darmkanker al in lage concentraties kunt signaleren.

Huskens richt zich met name op de oppervlaktechemie van dit onderzoek. ‘We moeten zorgen dat alleen die moleculen aan de sensor binden, die je wilt zien.’ Het project ULTRAPLACAD (ULTRAsensitive PLAsmonic devices for early Cancer Diagnosis) krijgt 6 miljoen euro, waarvan bijna 3,5 ton voor de UT.

Hart- en vaatziekten

Met nanofotonische en microfluïdische technieken gaat de vakgroep BIOS (MESA+/MIRA) een apparaatje maken waarmee artsen heel snel een diagnose kunnen stellen voor hart- en vaatziekten. ‘Deze toepassing is bedoeld voor screeningsprogramma’s, bevolkingsonderzoek of als iemand met klachten bij de huisarts komt’, aldus hoogleraar Jan Eijkel.

Eijkel en zijn collega’s kunnen ruim vier ton tegemoet zien om de biomarkers te verrijken zodat een sensor die beter kan meten. Voor het hele consortium ligt 4,1 miljoen euro klaar. Het project heet PHOCNOSIS: Advanced nanophotonic point-of-care analysis device for fast and early diagnosis of cardiovascular diseases.

Basisgezondheidszorg voor kinderen

De MIRA-vakgroep Health Technology and Services Research doet mee in een onderzoeksproject naar hoe de basisgezondheidszorg voor kinderen in Europese landen is georganiseerd. ‘Dat verschilt heel erg per land. We gaan evalueren welke organisatievorm het beste werkt’, aldus Magda Boere. ‘Onze vakgroep richt zich daarbij bijvoorbeeld op welke voorkeuren de gebruikers, ouders, hebben.’

Aan het project MOCHA (Models Of Child Health Appraised) kende de EU 6,8 miljoen euro toe. Daarvan gaat 62.500 euro naar de UT.