Strompelend de baan af

| Redactie

Naam:     Irina Beinborn Leeftijd:  21 jaar Studie:     psychologie/bedrijfskunde Sport:      volleybal Club:       Harambee

Naam:     Irina Beinborn
Leeftijd:  21 jaar
Studie:     psychologie/bedrijfskunde
Sport:      volleybal
Club:       Harambee

Irina Beinborn: `Stoppen is moeilijk. Ik heb elf jaar gespeeld en die knop gaat niet zo maar om.'
Irina Beinborn: `Stoppen is moeilijk. Ik heb elf jaar gespeeld en die knop gaat niet zo maar om.'
(Foto: Gijs van Ouwerkerk)

Aan ambitie ontbreekt het niet bij Harambee-speelster Irina Beinborn. Maar spelen kan de Duitse volleybalster niet meer. Haar lijf protesteert en Beinborn gooit met pijn in het hart de handdoek in de ring

Irina Beinborn, tevens trainster van het derde herenteam van Harambee, kan er eigenlijk met haar hoofd niet bij. Nooit meer volleyballen. Amper drie weken geleden nam de atlete een welhaast onmogelijke beslissing.

`Pfff, die knieën', verzucht ze. `Het ging gewoon niet meer. Na elke training strompelde ik de baan af.'  Het lichaam doet niet meer wat de geest wil. Anderhalf jaar geleden werd de Duitse, die nu drie jaar in Enschede studeert, geopereerd aan haar knie. Na die operatie kon ze weliswaar de zaal weer in, maar spelen zonder pijn was er toen al niet meer bij. Zeker niet toen daarna ook haar andere knie verschijnselen van slijtage begon te vertonen.

De speelster zag het onvermijdelijke steeds dichterbij komen: een voortijdig einde als speelster. Nog geen maand geleden hakte ze de knoop door. `Ik ben nog een tijdje tegen het advies van mijn arts, en misschien ook tegen beter weten in, verder gegaan, maar ik voelde dat dit onverantwoord was. Het ging niet meer.'

Beinborn speelde in Duitsland eerste divisie, iets onder het hoogste niveau, en ze wilde meer. Nog steeds wil zij meer dan haar lichaam. Ze worstelt en zit in een fase waarin ze nog moet leren te accepteren dat het botweg einde verhaal is. Beinborn: `Dat is heel moeilijk. Je moet niet vergeten dat ik al elf jaar speel en die knop gaat niet zo maar om.'

Troost put ze uit haar werk als coach van het derde herenteam van Harambee. Die ploeg loodste ze het afgelopen seizoen naar de promotieklasse. Daarvoor kreeg ze binnen de club veel lof. Ze is erg blij met de positieve kritieken, maar het is op dit moment niet veel meer dan een pleister op de wonden. Want de pijn van het niet meer spelen overheerst. `Ik moet er bij mezelf op toezien', legt ze uit, `dat ik als coach niet gefrustreerd langs de kant ga rennen, omdat ik er eigenlijk zelf in wil. Daar moet ik mee leren omgaan.'

Verder zegt ze steun te ervaren van vrienden en clubgenoten van Harambee. `Ze proberen me ook wel eens over te halen een andere sport te doen, maar niets haalt het bij volleybal.' Ze heeft kinderen getraind, dames, en nu dus heren.

Welk team ze komend seizoen traint weet ze nog niet. `Daar hebben we nog niet met elkaar over gesproken', legt ze uit, `maar misschien kan ik bij het tweede herenteam aan de slag. Dat zou ik best willen, want ik haal ondanks alles veel energie uit het begeleiden van talent. Ik word vrolijk als ik anderen zie groeien in hun spel.'

Beinborn heeft ervaring als coach in Nederland en Duitsland en constateert dat er een groot verschil is tussen beide volleybalculturen. `In Nederland zijn spelers vaker geneigd te discussiëren met de coach of te polderen. In Duitsland is dat onmogelijk. Daar staat het respect voorop. Een Duitse coach zegt gewoon hoe het gaat gebeuren en de spelers nemen dit aan.'

En over haar eigen rol: `Ze vinden me af en toe wel een beetje streng, maar geloof me; ik ben best een lieve meid.' 

Stay tuned

Sign up for our weekly newsletter.