Een kwaliteitszorgsysteem voor de UT is in lijn met de meerjarenafspraken die de Nederlandse universiteiten onlangs hebben gemaakt met het ministerie van OC&W. Daarin beloven de instellingen de kwaliteit van hun onderwijs op te schroeven. Dat leidt tot een hoger rendement en meer efficiciency. Daar komt bij dat de universiteiten in de nabije toekomst niet op onderdelen maar als één geheel worden beoordeeld en geaccrediteerd.
Daarnaast wordt ook binnen de UT de noodzaak gevoeld om een stevige inhaalslag te maken. Dat werd nog eens bevestigd op de eerste editie van de jaarlijkse UT-onderwijsdag begin april dit jaar.
Een beknopte sterkte-zwakte analyse toont in genoemde nota aan dat een kleine universiteit als de UT kwetsbaar is voor fluctuaties in studenteninstroom en lastig zichtbaar is in een steeds mondialere hoger onderwijswereld. De instroom komt vooral uit Oost-Nederland en daalt op termijn als gevolg van de bevolkingskrimp in deze regio. De UT-opleidingen draaien al jaren niet meer mee in de top maar zijn gezakt naar `gemiddeld goed'. Ook kiezen steeds minder scholieren voor een technisch profiel. Toekomstperspectieven spelen bij een profielkeuze een minder grote rol dan aanleg en interesse.
Maar er zijn ook sterktes. De UT heeft een uniek profiel met verschillende op elkaar georiënteerde disciplines; haar kleinschaligheid is een pluspunt en er is een directe docent-student relatie. Onderwijs kan op maat worden gesneden. Unique selling points zijn de campus waar wordt gewoond, gewerkt en gestudeerd, voorts de actieve opstelling van de studenten en meer in het algemeen het ondernemende karakter van de UT dat onder andere leidt tot een continue stroom van spinoffs. Het Twentse 3O-profiel (onderzoeker, ontwerper en organisator) krijgt in het onderwijs een centrale plaats.
Tussen al die plussen en minnen doemen er nieuwe kansen op. Zo zal de UT bij uitstek in staat moeten zijn de student van deze tijd als een soort partner te betrekken bij de inrichting en uitvoering van het onderwijs. In de sfeer van: u vraagt wij draaien. Maar dan wederzijds. Ook de groeiende internationale studentenmobiliteit biedt voor de UT en haar campus veel perspectief. Mits de gewenste faciliteiten op orde zijn. En als kleinschalige instelling kan deze universiteit nieuwe onderwijsvormen en best practices snel en doeltreffend invoeren.
Brinksma: `Er is binnen de UT nu een breed gedeelde visie op het onderwijs ontstaan. Werkgroepen die in het kader van Route'14 zijn ingesteld, zijn klaar met hun plannen voor de inrichting van het undergraduate en masteronderwijs. Er is een nieuw kwaliteitszorgsysteem. Er gebeurt van alles. Het uitrollen kan beginnen, maar dan moeten we dat ook daadwerkelijk gaan doen en niet wachten totdat het hele onderwijsgebouw voor de volle honderd procent klaar is. Het gaat om een proces dat continu in beweging is. We verwachten dat docenten bereid zijn hier in te stappen. Daar is lef voor nodig en ondernemendheid. De UT kan nu haar ware gezicht tonen.'
Een belangrijk nieuw instrument in dit licht vormen de KPI's, de key performance indicatoren, waarmee de kwaliteit van opleidingen systematisch wordt gemeten. Brinksma weet dat daar de nodige weerstand tegen bestaat. `Die aversie kan ik me wel voorstellen, maar die komt meestal voort uit een verkeerde interpretatie van de bedoeling. Ik wil benadrukken dat we hier niet zitten in een afrekencultuur waarbij docenten in een fuik worden gelokt en bij een mindere performance meteen moeten vrezen voor hun baan. Als een opleiding de gestelde doelen niet dreigt te halen, dan is het zaak om dat tijdig te signaleren en te bespreken wat daarvan de reden is en welke initiatieven kunnen leiden tot verbetering.
`De kwaliteit van een opleiding is natuurlijk niet hetzelfde als een stel indicatoren, maar je kunt ze wel heel goed gebruiken als een deel van het instrumentarium voor kwaliteitsverbetering van ons onderwijs. Dat is immers wat we met z'n allen willen. Want als we echt de meest getalenteerde studenten willen aantrekken en opleiden, moeten we ver boven de middelmaat uitsteken. Dat proces moeten we al lerend ingaan.'
| (Foto: Gijs van Ouwerkerk) |