Studenten vinden het belangrijk om het beste uit zichzelf te halen. Slechts één op de vijf zegt tevreden te zijn met een zesje. Dat blijkt uit een opiniepeiling onder 239 studenten gehouden door Newcom Research & Consultancy, in opdracht van UT-Nieuws.
Ondanks deze cijfers hebben studenten op de stelling `Op de UT heerst een zesjescultuur' verdeeld gereageerd: 34 procent onderschrijft die stelling, terwijl 35 procent haar verwerpt. Fors meer dan de helft van de respondenten (57 procent) voelt zich ook minder thuis in een zesjescultuur dan in een omgeving waar prestaties worden geëist.
Verdeeld zijn de studenten ook als hen wordt gevraagd of ze het belangrijk vinden tot de besten van hun jaar te horen. Voor 41 procent is dat niet belangrijk, 39 procent wil wel tot de top behoren. Voor meer dan zeventig procent geldt dat als ze ergens hun zinnen op gezet hebben, ze alles zullen doen om dat te bereiken.
Een meerderheid van de studenten ziet een belangrijke rol weggelegd voor zowel universiteit als docenten. Zo zegt 75 procent van de UT te verwachten dat deze hem of haar proberen te motiveren. Bijna zestig procent is het eens met de stelling `docenten moeten hun best doen om meer uit mij te halen'.
Opvallend is dat de inmiddels gevleugelde uitspraak van collegevoorzitter Anne Flierman (`kiek'n wat het wordt') bij de studenten veel hoger wordt gewaardeerd dan onder medewerkers. Meer dan de helft van de ondervraagde studenten is het met Flierman eens dat het schort aan ambitie op de UT. Een kleine twintig procent is het daarmee niet eens.