In memoriam: Miko Elwenspoek

| Jelle Posthuma

Een anti-autoritaire autoriteit. Ruim dertig jaar lang drukte emeritus hoogleraar Miko Elwenspoek zijn stempel op het Twentse onderzoek en onderwijs. Hij overleed op dinsdag 13 april op 72-jarige leeftijd.

‘Miko zette dingen in beweging’, vertelt UT-hoogleraar Leon Abelmann. ‘Dat was karakteriserend voor hem. Hij had een enorme overredingskracht. Ik vergeet nooit dat Miko mij vanuit Duitsland opbelde, waar hij op dat moment fellow was bij een prestigieus instituut. Miko vertelde dat ze werkten aan een project om data één miljoen jaar op te slaan, waarop hij vrijwel direct aan mij vroeg: doe je mee? Het was een totaal absurd plan, en het zou mij ontzettend veel tijd kosten. Maar hij wist me met één of twee zinnen te overtuigen. Als Miko iets voorstelde, dan deed je dat gewoon.’

Grootheid

De wetenschappelijke carrière van Miko Elwenspoek begon in Duitsland, waar hij in 1983 promoveerde in de natuurkunde aan de Freie Universität Berlin. Na zijn promotie vertrok Elwenspoek naar Nijmegen, waar hij als postdoc werkte aan kristalgroei in de groep van Piet Bennema. ‘Zo kwam ik als natuurkundige in aanraking met scheikundigen’, zei hij er later over tegen U-Today. ‘Multidisciplinair werken is altijd van groot belang geweest in mijn carrière.’

In 1987 kwam Elwenspoek naar Twente als universitair hoofddocent op het gebied van de micromechanica, ook wel: Micro Electro-Mechanical Systems (MEMS). Zijn onderzoek concentreerde zich vanaf dat moment op het bewerken van silicium. De wetenschappelijke carrière van Elwenspoek nam al snel een hoge vlucht in Twente, waar hij in 1996 hoogleraar transductietechniek werd. Elwenspoek verwierf wereldwijd bekendheid met zijn onderzoek, stond aan de wieg van het gerenommeerde onderzoeksinstituut MESA+ en kreeg in 1998 de Simon Stevin Meester-prijs. ‘Binnen zijn vakgebied was Miko een grootheid’, concludeert UT-hoogleraar Gijs Krijnen.

Anti-autoritair

Krijnen werd in 1999 aangenomen door Elwenspoek en werkte meer dan twintig jaar met hem samen. Hij roemt Elwenspoeks manier van leidinggeven. ‘Miko wist je te enthousiasmeren voor een onderwerp. Hij schetste een vergezicht en gaf je vervolgens alle vrijheid om het zelf in te vullen.’ Volgens Krijnen was Elwenspoek wars van autoriteit. ‘Hij beriep zich nooit op zijn baas-zijn. Ik geloof dat hij in zijn studententijd ook anarchistische trekjes had.’ Abelmann valt hem bij. ‘Miko was erg boos dat hij als hoogleraar weer een toga moest dragen. Iets waar hij in zijn studententijd juist tegen had gestreden.’

‘Bij Miko ging het altijd om de inhoud, of hij nu met een andere hoogleraar of een student sprak, hij luisterde altijd naar de argumenten’, vertelt Abelmann. ‘Het ging hem om de intellectuele discussie, zonder verdere onzin. Maar hij wás wel een autoriteit. Als hij zijn argument maakte – wat soms wel tien minuten kon duren – moest je hem niet onderbreken. Ik luister naar jou, dan moet je ook naar mij luisteren, was zijn gedachte.’ Dat beaamt Krijnen. ‘Als Miko sprak, hield iedereen zijn mond. Je wist namelijk dat hij erg goed over het onderwerp had nagedacht. Hij was ook een begaafd spreker. Als Miko iets had uitgelegd, wist je hoe het zat.’

Onderwijs

Na het jaar 2000 raakte de MEMS-technologie in een volwassen, industriële fase. Dat bood minder ruimte voor exploratief en fundamenteel onderzoek, weet Krijnen. Elwenspoek beet zich daarom vast in een nieuw onderwerp: ‘self-assembly’, waarbij nanomaterialen zelf tot de gewenste structuren komen. Maar voor zijn nieuwe ideeën wist hij geen onderzoeksfinanciering los te krijgen, vertelt Krijnen. Vanaf dat moment besloot Elwenspoek zich vrijwel volledig te richten op het onderwijs – ook vanwege zijn naderende pensioen.

Elwenspoeks onderwijskundige carrière is eveneens indrukwekkend. Hij werd opleidingsdirecteur bij elektrotechniek, pionierde met Problem Based Learning (PBL), startte de nieuwe opleiding Advanced Technology en stond aan de basis van het honoursprogramma. ‘Niet vanuit het idee om iets elitairs op te zetten’, weet Krijnen. ‘Hij wilde dat goed presterende studenten konden groeien. Hij gaf ze de kans om zich met kennis verder te ontwikkelen.’ Tegen U-Today zei Elwenspoek: ‘In het onderwijs richten we ons op de middelmaat. Onze tijd gaat naar de studenten die het net niet halen. Het gevolg is dat sommige excellente studenten geen uitdaging krijgen. Daarom is er een honoursprogramma.’

Volgens Abelmann is de opleiding Advanced Technology de grootste bijdrage van Elwenspoek aan het onderwijs op de UT. ‘Aanvankelijk geloofde niemand erin. Maar Miko was overtuigd van een opleiding met een brede, multidisciplinaire basis. Met een goede basiskennis zouden studenten dingen sneller oppikken, was zijn overtuiging. Dat is cruciaal in een snel veranderende wereld. Je kunt studenten wel zeer gespecialiseerde dingen leren, maar de kans bestaat dat die technologieën over tien jaar niet meer bestaan.’

Zonder Elwenspoek zou de UT er anders uit hebben gezien, stelt Abelmann. ‘Hij had een grote invloed op het onderwijs en het onderzoek van de universiteit. Maar het werkte twee kanten op: de UT was ook erg belangrijk voor Miko. Alle drie de sprekers op zijn uitvaart waren UT’ers. Dat zegt volgens mij wel genoeg.’ Voor Abelmann was Elwenspoek bovenal een mentor. ‘Ik heb veel aan hem te danken. Hij is een van de mensen die mij heeft gedefinieerd. Ik zal hem dan ook erg missen. Er zal nu niemand meer uit het niets bellen met een totaal belachelijk idee, waar ik dan aan mee moet doen.’

Afscheid

Elwenspoek was al geruime tijd ziek. Hij leed aan kanker. Vorige week zondag ging Krijnen bij hem langs, op uitnodiging van Elwenspoek. ‘Miko wilde zijn boekenkast opruimen en mij wat boeken meegeven. Hij wees de verschillende boeken aan en wist er met veel detail over te vertellen. Uiteindelijk verzamelde ik twee kratten vol met boeken op aanwijzing van Miko. Hij was enorm belezen over zeer uiteenlopende onderwerpen, zoals kosmologie, kunstmatige intelligentie, muziek, literatuur, enzovoorts.’

‘Na het verzamelen van de boeken zei hij: het gaat niet goed met mij. Daar schrok ik enorm van. Ik had me niet voorbereid op een afscheid en wist ook niet goed wat ik moest zeggen. Pas toen ik thuiskwam, realiseerde ik mij dat de boeken een afscheidsgeschenk waren. Ik heb hem toen nog een berichtje gestuurd. Een paar dagen later was Miko overleden. Ik denk dat hij met de boeken wilde zeggen: kijk, hier heb ik mijn kennis vandaan. Dat was voor hem een rijk bezit. Het is daarom een heel waardevol afscheidsgeschenk.’