Het kost even zoeken als je Exaltio, de gezamenlijke LGBTQIA+-vereniging van Saxion, UT en ROC wilt bezoeken; het Ko Wieringagebouw van Saxion is berucht om haar uitdagende indeling. Gelukkig wil een behulpzame medewerker meelopen. Roltrap op, eerste etage - linksaf, linksaf, rechts - zit F1.34.
Kleur bekennen
De smalle gang heeft wat weg van een ziekenhuis, maar het honk van Exaltio is daar een uitbundige uitzondering op. De kamer hangt vol met vlaggen in alle kleuren van de regenboog en dat is precies waar het bij Exaltio om draait. ‘De regenboogvlag, de vlag voor biseksuelen, de aseksuelenvlag, panseksueel’, wijst UT-student Ellis Vrieling zonder aarzelen aan.
Verheffen
Ze moeten het even googlen, maar de naam Exaltio is Latijn voor ‘verheffing’, wat meteen het doel van de club aangeeft. ‘Het grootste aandeel is UT-student, maar zo’n 25 procent komt van het Saxion. Het is zo’n beetje de enige vereniging in de regio, dat is jammer. Er is nog een vereniging in Deventer, maar die zit in zwaar weer’, weet Vrieling.
Exaltio doet het daarentegen best goed. ‘We zijn met zo’n honderdtwintig leden inmiddels.’ Die passen inderdaad niet allemaal in het kleine kamertje, dat eigenlijk niet meer is dan een werkruimte voor Saxion-medewerkers. Er zouden naar schatting hooguit twee werkbureaus in kunnen staan. Hier staan twee knalrode bankstellen tegenover elkaar, een tafel, kasten én nog een werkbureau. Blijkbaar is het niet genoeg, want er komen binnenkort ook nog planten in. ‘Het is hier best dringen inderdaad’, lacht Vrieling. ‘Soms zitten we hier met twintig man.’
![]()
Leden van Exaltio tijdens een bijeenkomst vorig jaar. Archief U-Today.
Verre van ideaal, dus. Ook wegens het grote aantal UT-studenten hoopt de vereniging binnenkort een eigen ruimte op de campus te kunnen betrekken. Daarnaast spreekt de club natuurlijk regelmatig buiten het werkkamertje af.
Bestaan vieren
Dit jaar bestaat de vereniging tien jaar. Een lustrum. Dat gaan ze zeker vieren. ‘We willen extra activiteiten organiseren tijdens Pride Month, zoals een groot gala. We gaan mee op Pride Walks, bijvoorbeeld in Amsterdam om onze zichtbaarheid te vergroten. Te laten zien dat we er zijn.’
Dat laatste blijkt voor sommigen in de samenleving al erg moeilijk te verkroppen. ‘Ik hoor zo vaak dat ze zeggen: Prima, doe je ding, maar schuif het me niet steeds zo onder mijn neus. Maar dat doen we helemaal niet. We bestaan gewoon. Net zoals een heterostel er niet over nadenkt dat ze hun hetero-zijn als het ware onder onze neus duwen, gewoon door er te zijn. Dus laat het er zijn,’ zegt Audrey Joubert, die psychologie studeert.
Hetzelfde geldt voor bepaalde kledingkeuzes, die volgens stemmen in de samenleving te opvallend zijn. Joubert: ‘Het is maar een stuk stof. Soms heeft het de vorm van een rok, soms van een broek. Het hangt er maar net vanaf wat culturen als mannelijk of vrouwelijk bestempelen. Tijdens mijn jeugd in het Midden-Oosten liepen alle mannen in een kandora, eigenlijk gewoon een soort jurk. Maar daar is het ineens supermannelijk. Of denk aan de Schotse kilt.’
Het kleurrijke honk van Exaltio bij Saxion.
Keur aan activiteiten
Anders dan andere typische studentenverenigingen is er niet echt een gedeelde hobby die de leden bindt. ‘We zijn geen sport- of cultuurvereniging waarin iedereen samenkomt met dezelfde interesses, dat klopt,’ geeft Audrey Joubert aan. ‘Maar we organiseren wel zo’n vier bijeenkomsten per maand gemiddeld. Een stapavond, bijvoorbeeld naar gaybar Stonewall, of gewoon een gezellig bordspelletje. Af en toe organiseren we symposia, waar het gaat over de queer-geschiedenis bijvoorbeeld. En natuurlijk neem je weleens iets van elkaar over, als je ziet dat iemand een bepaalde hobby heeft en denkt: dat lijkt mij ook wel wat.’
‘En er ontstaan nieuwe vriendschappen’, weet Joubert uit eigen ervaring. ‘Ik studeer dus psychologie, maar een van mijn beste vrienden die ik hier leerde kennen studeert scheikunde. Compleet iets anders. Zonder deze vereniging hadden we elkaar waarschijnlijk nooit gevonden.’
Veilige haven
Daarnaast is de club vooral een veilige haven voor de gemeenschap, die een behoorlijk stigma met zich meedraagt. En daarom regelmatig met nare situaties te maken krijgt. ‘Een paar maanden geleden werden we met eieren bekogeld’, klinkt het vlak. Ze lijken er al niet eens meer van op te kijken. ‘We praten erover, zoeken steun bij elkaar. Het helpt dat we met zovelen zijn, dat geeft een veilig gevoel. Strength in numbers. Daarom zijn meer leden altijd welkom, natuurlijk ook als je een meer standaardoriëntatie hebt. We hopen ook dat het grote ledenaantal mensen die nog niet voor hun ware zelf durven uit te komen uitnodigt om toch de stap te wagen. Want liever af en toe een nare ervaring, dan jezelf je hele leven verloochenen.’
Vanzelfsprekend
Hoezeer ze ook met negativiteit te maken krijgen, ze willen er niet de nadruk op leggen. Joubert: ‘Het is niet perfect, maar we moeten niet vergeten hoe geweldig het is dat deze club bestaat en dat dat gewoon kan in Nederland. Het was echt een verademing voor mij.’
Waar ze op hopen voor de toekomst? ‘Op z’n minst een respectvolle dialoog. We snappen ook wel dat het soms wat onduidelijk kan zijn voor mensen die hier niet dagelijks mee te maken krijgen. Maar bij oprechte interesse willen we altijd uitleg geven. Vraag gewoon.’