Vaker ja dan nee bij EU-referenda

| Jelle Posthuma

Regeringen winnen driekwart van de EU-gerelateerde referenda. Belangrijke voorwaarde daarbij: economische voorspoed. Dat concludeert UT-onderzoeker Joost van den Akker in zijn proefschrift over EU-referenda, dat hij vandaag verdedigt.

Photo by: Harald Richter

Wat zijn de belangrijkste resultaten uit je onderzoek?

‘Referenda over de EU zijn geen zeldzaamheid en ze leiden lang niet altijd tot een ‘nee’ van de bevolking. 46 van de 61 referenda werden gewonnen door de regering. Economische voorspoed speelt daarbij een belangrijke rol. Regeringen profiteren bij referenda over EU-onderwerpen van politieke stabiliteit en een gunstige economie. Als deze factoren afwezig zijn, is winst onwaarschijnlijk.’

De regering wint driekwart van de referenda. Toch is het beeld dat de regering vaak verliest…

‘Veel van de referenda gingen over de toetreding van Midden- en Oost-Europese landen tot de EU. De bevolking van deze landen koos voor het al dan niet toetreden. Dat zijn voor regeringen niet de moeilijkste referendums om te winnen. De laatste tien jaar maken burgers meer gebruik van de gelegenheid om een referendum te houden. Daar komt vaker een ‘nee’ uit.’

Nu wil de Nederlandse regering het referendum afschaffen…

‘Dat is vrij uitzonderlijk. De afschaffing van een referendum-voorziening gebeurt zelden. Sinds de jaren 90 zijn er juist meer mogelijkheden bijgekomen. Het verband tussen het afschaffen van het referendum en de eerdere uitkomsten staat letterlijk in het regeerakkoord: het referendum ‘bracht niet wat ervan verwacht werd’. Ik denk dat Nederland, dat op dit gebied onervaren is, last heeft van koudwatervrees.’

Wat doen regeringen als ze een ‘nee’ van de bevolking krijgen?

‘Een voorbeeld daarvan is het Oekraïne-referendum. De Nederlandse regering kwam na de uitslag met een aanvullende verklaring en probeert er een draai aan te geven. Ze moeten tegemoet komen aan de Nederlandse bevolking, maar tegelijkertijd is er de druk vanuit Brussel. Dat is een breder patroon bij ‘nee’-uitslagen. Tegelijkertijd zie je bijvoorbeeld bij Denemarken en Zweden, die een referendum over de toetreding tot de Eurozone hielden, dat ze de uitslag ­­– een ‘nee’ van de bevolking – gewoon accepteerden. Maar zij hadden toen geen verplichtingen aan Brussel.’

En nu, een carrière in de wetenschap of toch de politiek?

‘De wetenschap smaakt zeker naar meer. Er komt ook nog een hoofdstuk over het Oekraïne-referendum in een handboek. Maar de komende tijd ga ik mij concentreren op mijn werk als gedeputeerde voor de provincie Limburg.’