uit het lood
Mijn vader heeft een brommer. Het is 1960, mijn vader is nog niet mijn vader, Claus is nog niet in zicht, Beatrix is een nog huwbare prinses, en mijn vader heeft een brommer. Mijn vader heeft een brommer en een scharrel met een meisje van 't Kasteel. Laat me haar alvast mijn moeder noemen. Het heeft iets van een sprookje. Mijn vader, de ridder op de witte brommer. Mijn moeder, de schone jonkvrouwe op een kasteel met zeven zusters.