Van rups tot blauwe vlinder

| Jasmijn Kol

Het Enschedese studentenleven bruist en dat is niet in de laatste plaats te danken aan alle disputen die aan de UT gerelateerd zijn. Hoog tijd om die disputen eens beter te leren kennen. Aan het woord zijn Mara Kaldeweide (23, health sciences), Linda Vis (22, health sciences) en Iris Withagen (21 industrieel ontwerpen), van onafhankelijk damesdispuut Sapphira.

Opgericht: 20 maart 2012
Leden: 18, waarvan 12 actief
Borrel: Elke woensdag om 21.30 in de Beiaard (of soms een andere activiteit)
Proost: In het algemeen ‘Papillon Bleu”’ maar officieel ‘Sapphirus amicitiam et probitatem confirmat’

Waarom hebben jullie het dispuut Sapphira genoemd?

Linda: ‘Het dispuut is door vier personen opgericht, Sapphira staat voor “z’n vieren”. Maar de naam verwijst ook naar een mooie blauwe steen, en naar de legende van Sapphira. Zij was geen eerlijke, open vrouw, waarvoor ze werd gestraft. Wij stimuleren als dispuut juist openheid en eerlijkheid.’

Mara: ‘Ons logo is een blauwe vlinder. Sapphira is ook de officiële Latijnse naam voor deze blauwe vlinder.’

Waarom kozen jullie voor Sapphira en niet voor een ander dispuut?

Mara: ‘Een studiegenootje vroeg me. Ik kom uit Duitsland, ik kende het hele concept van een dispuut helemaal niet. Maar ik ging mee naar de borrels en vond het heel gezellig. Via het dispuut kreeg ik ook meer vriendinnen dan ik in Duitsland heb.’

Linda: ‘Ik ben op hetzelfde moment gevraagd als Mara. Ik had al wel een leuke vriendengroep maar lid worden van een dispuut vond ik ook heel gaaf. We doen veel samen en we zijn echt een leuke vriendinnengroep.’

Iris: ‘Ik woon in een studentenhuis met veertien jongens, en geen vrouwen. Ik wilde wat meer contact met andere vrouwen want dat heb je gewoon nodig. Ik heb een paar keer met Sapphira meegeborreld en het was erg gezellig. We zien elkaar nu minstens een keer per week. Dat zorgt voor wat balans tegenover het testosterongehalte van thuis.’

Hebben jullie bepaalde regels of tradities?

Iris: ‘We hebben wat standaardtradities die de meeste disputen wel hebben, zoals een dies, een kerstdiner, ledenweekend en 21-diners. Die zijn trouwens erg leuk, want zo leer je je dispuut goed kennen en je komt te weten waar andere meiden vandaan komen.

Linda: ‘Naast die tradities hebben we ook bepaalde regels. Zo mag je bijvoorbeeld niet te laat op de borrel komen. Doe je dat wel, dan moet je op een barkruk in de Beiaard gaan staan en aan het hele café uitleggen waarom je te laat bent. Ook moet iedereen haar dispuutskleding aan hebben op de borrel en het logo moet altijd zichtbaar zijn. Is dat niet het geval, dan verzint het bestuur een gepaste straf.’

Mara: ‘We zijn nog een erg jong dispuut, dus er zullen vast nog een hoop regels en tradities bijkomen naarmate we langer bestaan.’

Hebben jullie nog leuke anekdotes?

Mara: ‘We hebben wel een verhaal binnen het dispuut, waar altijd weer naar verwezen wordt. Ik was als Duitser namelijk van mijn fiets gevallen terwijl ik stilstond. Daar maken vooral alle Nederlanders in het dispuut altijd grapjes over.’

Linda: ‘Naast dat verhaal, hebben we ook wel een leuke opdracht tijdens de ontgroeningsperiode. De rupsen – zo noemen we de aspirant-leden, omdat ze zich nog moeten ontpoppen als vlinder) – moeten een blauwe baksteen te allen tijde met zich meedragen. De ouders van de rupsen vinden dat vaak vervelender dan de rupsen zelf, maar het is wel leuk. Zeker als je op plekken komt waar disputen niet veel voorkomen. Die mensen snappen dan niet precies wat er aan de hand is. Dat is altijd grappig om te zien.’