'Niets is mooier dan orde scheppen in chaos'

| Ditta op den Dries

Verwondering is het begin van alle wijsheid, zei Plato. Elke nieuwe vinding begint met verwondering. Het is de basis van de wetenschap. In een serie van zes afleveringen doen wetenschappers een boekje open over hun persoonlijke verwondering.

Photo by: RIKKERT HARINK

Deel 2: Jaap Flokstra, was 42 jaar werkzaam op de UT, gepensioneerd sinds 1 oktober 2013. Onder meer werkzaam als: universitair hoofddocent (leerstoel LT, ICE), opleidingsdirecteur Advanced Technologie en Nanotechnologie, bouwheer van Carré en na pensionering ambassadeur van ATLAS en leerstoel ICE.

Van krib tot graf

‘Een mens moet zich willen verwonderen. Het is wat mij betreft een keuze. Een houding die je aanneemt. Ik wil mijn verwondering vasthouden, van krib tot graf. Ook nu ik gepensioneerd ben houd ik volop de literatuur bij, volg ik het werk in de leerstoel, begeleid ik af en toe studenten en ben altijd wel met bijvoorbeeld een hoofdstuk van een boek bezig. Wetenschapper áf zijn, dat kan gewoon niet. Ik blijf mezelf voortdurend de ‘waarom-vraag’ stellen.’

Studenten vormen een prachtige kweekvijver

‘Als student natuurkunde in Delft was ik eind jaren ’60 één en al verwondering. Ik wilde van alles verklaren. Maar om te verklaren moet je uiteraard eerst onderzoeken. Al die losse eindjes, die vond ik erg spannend. Na m’n studie werd ik op 1 november 1971 aangesteld op de UT. Ik was 23, piepjong en moest werkcolleges geven aan tweedejaars elektrotechniek. Het lukte hen maar niet om voor het vak ‘deeltjes’ te slagen. Onbegrijpelijk vond ik dat, want ik had er zelf geen enkele moeite mee. Toen ben ik me gaan verdiepen in foute denkpatronen bij studenten. Wat heb ik me vaak afgevraagd: hoe kun je in vredesnaam nou zó denken! Maar er is niets mooier dan orde scheppen in de chaos in het hoofd van een student. Het gebeurt vaak dat studenten verdwalen. Dat er zoveel stof is, dat ze niet weten waar ze moeten beginnen. Laat staan dat ze iets op papier kunnen krijgen. Dan zei ik altijd: kom bij me terug met vier zinnen. En van daaruit bouwden we uit. Mijn hart ligt bij onderzoek, maar zeker ook bij onderwijs. Studenten zijn een prachtige kweekvijver van verwondering. Ik geef nog af en toe colleges aan studenten Creative Technology en vertel ze dan over Newton. Daar hebben ze werkelijk geen kaas van gegeten. Heerlijk!’

Kijk om je heen

‘Als ik nieuwe studenten college geef, begin ik weleens over Plato. De allegorie van de grot draagt een mooie les mee. De gevangenen in een grot zitten vastgeketend. Hun nekboeien zitten zo straks dat ze alleen recht naar voren kunnen kijken. Achter hen brandt een vuur, dat beelden reflecteert op de muur voor hen. Maar de gevangenen kunnen alleen tweedimensionaal zien. Wat nou als de slaven hun ketens losmaken? Draaien ze zich dan om? Er bestaan mensen die zich niet willen of kunnen verwonderen en alleen maar recht vooruitkijken. Zij die dat wel doen, zien ook het beeld achter hen. Afgelopen november gaf ik nog een college. Ik vertelde de studenten hoe oud de natuurkunde al is. Die grote verwondering voor de kosmos wil ik graag aan studenten doorgeven.’

Een periode van grote verwondering

‘Na mijn promotie in materiaalkunde ben ik me bezig gaan houden met SQUIDs. SQUIDs (Superconducting Quantum Interference Devices, red.) kun je hele kleine magneetveldjes meten, bijvoorbeeld afkomstig van de hersenen. In de tachtiger jaren kon je al SQUIDs kopen, maar ik wilde ze destijds zelf maken en dan veel kleiner en gevoeliger. Toen dat lukte was het mogelijk om bijvoorbeeld een systeem te maken voor hersenonderzoek en we waren op de UT voortrekker van MEG-apparatuur (Magneto-Encephalogram, red.). Het bedrijfsleven had veel interesse. Ik hield me in die tijd volop bezig met het ontwikkelen van instrumentarium voor deze belangrijke ontwikkeling. In 1987 werden de hoge temperatuur supergeleiders ontdekt en we hebben ons in Twente volop op de ontwikkeling ervan gestort, zowel de materiaalkunde als de toepassing. Het was een periode met grote verwondering.’

Als ik naar de kosmos kijk

‘Er gebeuren in het heelal zoveel zaken die wij nog niet weten. Er is nog veel te ontdekken. Samen met de universiteit Leiden heb ik me beziggehouden met het meten van gravitatiegolven. We hebben een gravitatiebol kunnen ontwikkelen van 68 centimeter (miniGRAIL). De bol kan buitengewoon kleine rimpelingen in de zwaartekracht meten, ten gevolge van ‘explosies’ in het heelal. Bijvoorbeeld als twee zwarte gaten in elkaar schuiven. Later werden elders de zogenoemde interferometer ontwikkeld. Die staan op vier plekken; in Japan (eind 2019), in Italië en twee in Amerika. Een jaar of vijf geleden werd er voor het eerst met deze apparatuur de door Einstein voorspelde fenomenen in de zwaartekracht gemeten.’

Verwonderen, stimuleren, prikkelen en leren

‘Ik heb vijf kleinkinderen. Of ik op ze wilde passen. Nee, dat wil ik niet, zei ik. Maar ze mogen wel elke donderdag naar de opaschool komen. Verwonderen, stimuleren, prikkelen, leren. Daar draait het om in mijn opaschool. We maken armbandjes met patronen, ik leer de kleintjes tellen. Ik ga met ze naar musea, maar ook naar een tuincentrum. Dan neem ik een glazen bak mee en vraag ik hen vooraf: ‘hoeveel plantjes zouden hierin passen? En dat mogen ze dan helemaal zelf ontdekken.’