Blog: De scholen zijn weer begonnen

| Wiendelt Steenbergen

De scholen zijn weer begonnen, ook de onze. De opening van het academisch jaar was gedenkwaardig. De vensters op de wereld gingen wijd open, van Haaksbergen tot Sierra Leone, van de Europese Unie tot de Verenigde Naties.

Onze collegevoorzitter riep ons op stoutmoedig te zijn. De filmpjes waren mooi: lof aan de filmmakers. Prijswinnaars mochten hun trofee voor de duur van de foto vasthouden. Het leek wel een jaren-60-kleuterschoolfoto: je werd (als je een jongetje was) met een autootje aan een tafel gezet, de foto werd genomen en het autootje werd je weer uit handen gegrist. Wilde men zich er zo van verzekeren dat de prijswinnaars de hele middag zouden blijven? De band speelde vier of vijf keer ongeveer hetzelfde (ik raakte de tel kwijt), en de jongste spreker van de middag was veruit de beste. Aan het eind reed een elektrische motorfiets de zaal in, gevolgd door een groep studenten met helm. Het waarom bleef eigenlijk een raadsel: wat gaan ze doen, waarom, wanneer, waar? Waarom iets ontwikkelen wat je al in de winkel kan kopen? Ze kwamen nota bene op zo’n fiets de zaal ingereden! Ik had er graag meer over gehoord, en ik denk dat de studenten er graag over hadden verteld. Maar de rector riep plotseling ‘Het academisch jaar is geopend!’ Daarmee begon het betere deel van de middag: de receptie. Hulde aan de mensen van Sodexo.

Wij gaan weer naar school

De scholen zijn weer begonnen, dat betekent ook: extra opletten in het verkeer. Een nieuwe generatie scholieren vult de straten, en op de campus is dat niet anders. Een ‘Wij gaan weer naar school’ – spandoek boven de Drienerlolaan zou geen kwaad kunnen. Ik heb al verschillende keren een fietsende student moeten ontwijken die zijn smartphone interessanter vond dan zijn echte omgeving. Nu zullen er ongetwijfeld studenten gaan afvallen, met als gevolg meer ruimte op straat en in de stallingen. De universiteit heeft daar methoden voor. Wiskunde is er één van, hoewel mijn indruk is dat de wiskunde niet altijd zijn selecterende werk doet. Ik stel voor, ook alle studenten die op de campus fietsend met hun smartphone in de weer zijn, een negatief bindend studieadvies te geven. Stoutmoedigheid kan deze studenten niet worden ontzegd, dus ze voldoen wel aan de oproep van onze collegevoorzitter. Maar ze hebben een problematische relatie met hun telefoon ontwikkeld, waar ze in de toekomst nog flink last van kunnen krijgen. Dit gedrag kan hen én anderen fataal worden, en deze groep heeft een goede kans om vroeg of laat op te branden. Als je je smartphone gebruikt in omstandigheden waar de dood op de loer ligt (het verkeer), dan gebruik je hem waarschijnlijk altijd: tijdens college, op de wc, tijdens het vrijen als je daar nog aan toekomt, tijdens uitvaarten, enzovoorts. Het gevaar van opbranden is dan niet denkbeeldig. Bregje Hofstede overkwam het, en in het NRC zegt ze over de rol van de smartphone: 'Mijn generatie is op plek A, maar volgt wat er op plek B, C en D gebeurt. Je geest is niet waar je lichaam is. We zijn op drift. We raken onthecht van plaats, tijd en context. Dat veroorzaakt diepe onrust en uiteindelijk een leeg gevoel.' Misschien moeten we de appende fietsers zien als het topje van de ijsberg: zij laten tenminste zien dat ze een probleem hebben. Fietsend appen is een soort schreeuw om aandacht, en het is beter om ze staande te houden voor een goed gesprek dan voor een negatief bindend studieadvies.

Technologie: oplossing en bron van problemen

Tijdens onze academische plechtigheden wordt technologie vooral als oplossing van onze problemen gepresenteerd. Tijdens de Opening van 2016 bijvoorbeeld, werd uitgebreid de lof gezongen op Steve Jobs. Het ging toen om de combinatie van science en de humanities en wat voor geweldige producten daar uit voortkomen. Eén daarvan is de smartphone. Voor het evenwicht zou het goed zijn als we tijdens onze academische feestjes ook oog houden voor technologie als mogelijke bron van nieuwe problemen.


@steenbergenw